vrijdag 9 oktober 2026

Hoezo, werken moet lonen, VVD?

Vier jaar geleden kreeg Klaas Knot vermogend Nederland op de kast. "Je zou kunnen zeggen dat wij meer dan andere landen een soort renteniersconomie aan het worden zijn terwijl wij de hardwerkende Nederlander daarvoor laten betalen met hogere tarieven inkomstenbelasting. Dat vind ik geen goede ontwikkeling." Toenmalig minister president Rutte reageerde als door een wesp gestoken en wilde niet ingaan op de vraag waar de VVD zou staan. Nu weten we het antwoord: minister Heinen verlaagt als het aan hem ligt de lasten voor de renteniers, vooral de rijkere renteniers.

We kennen Nederland als renteniersland van de 18e eeuw. De rijken van Nederland verschoven hun inkomsten naar beleggingen. Ze gingen rentenieren. Daardoor bleef de industrie zwak en miste Nederland de Industriële revolutie. Kapitaal en talent gingen naar rente en speculatie in plaats van naar industrie en innovatie. Het maakte Nederland ook kwetsbaar. Zodra buitenlandse schuldenaars niet betaalden, of oorlogen uitbraken, stortte het renteniersmodel in. Er was geen sterke productieve basis om op terug te vallen. Renteniers hadden belang bij stabiele prijzen en hun vermogen, niet bij vernieuwing of werkgelegenheid.

Het was dus voor de langere termijn een slechte zaak om uitsluitend te rentenieren en niet te zoeken naar innovatie van de eigen handel en industrie.

Nu is het gelukkig niet echt zo dat Nederland echt weer het renteniersland van de 18e eeuw is geworden, maar de waarschuwing van Klaas Knot staat wel stevig en het blijft een vreemde zaak dat de VVD hier tegenin gaat. De VVD komt niet op voor de hardwerkende Nederlander, maar voor de vermogende Nederlander die geld geld laat maken. Dat is nogal in strijd met veel van wat de VVD altijd heeft gezegd en interessant genoeg gaat het ook in tegen de meerderheid van de achterban van de VVD. Trouw gaf onlangs aan “Opmerkelijk, want de VVD-achterban is tot veel meer bereid dan de eigen partij”. Uit het onderzoek kwam dat de helft van de VVD-achterban meent dat de vermogensbelasting mag worden verhoogd als de inkomstenbelasting ongemoeid blijft (hier).

Het is niet alleen slecht voor de economie. Het is ook te zot voor woorden dat ‘kapitaal’ minder belasting gaat betalen en werkende mensen meer.

Raad van State is niet de meest linkse adviseur
En dat zeg ik niet alleen, ook de Raad van State, toch niet bekend als knetterlinks. In het advies over de miljoenennota 2027 op de derde dinsdag van september uit de Raad kritiek op de gebrekkige toekomstgerichtheid en de lasten voor werkenden. Van de zes miljard euro aan lastenverzwaringen in 2027, gaat 5,8 miljard ten koste van werkenden. Er wordt ook (ondanks alle mooie woorden over ASML) vooral in Nederland gekozen voor laagbetaalde banen. Naar schatting is het aantal laagbetaalde banen de afgelopen jaren ongeveer drie keer zo hard gegroeid als het aantal overige banen. En, stelt de Raad van State, ook nu schuift het kabinet die keuze voor zich uit. "De cijfers laten zien dat er vooralsnog geen sprake is van indrukwekkende investeringen in productiviteit". 

Opvallend: de RvS wilde wel opnieuw adviseren als het lukte om met de oppositie tot een nieuwe begroting te komen. 

Trickle down economy werkt niet!
Heinen is waarschijnlijk meer een aanhanger van de Trickle down economy, de theorie in de jaren 80 van de vorige eeuw van Thatcher en Reagan en nu van enkele rijken in de VS. De gedachte is dat belastingverlagingen voor de rijken en bedrijven hen meer ruimte geven om te investeren, wat vervolgens leidt tot meer banen, hogere lonen en uiteindelijk welvaart voor iedereen. De theorie is echter allang weerlegd. Sterker: Onderzoek van het IMF laat zien: een inkomensstijging van 1% voor de rijkste 20% remt de jaarlijkse groei zelfs met 0,1%, terwijl dezelfde stijging voor de armste 20% de groei met 0,4% verhoogt. https://www.weforum.org/stories/business/why-trickle-down-economics-wont-eliminate-poverty/#1

Eerder schreef ik al over mijn zorgen rond het stelsel van sociale zekerheid en de zorg. Het gesprek met de vakbonden willen aangaan en tegelijkertijd voorstellen doen om vooral de rijken rijker te maken zullen die gesprekken niet helpen. 

Maar goed, ik zag Heinen ook al niet die gesprekken doen, die zijn voorganger Wim Kok wel aandurfde.


dinsdag 6 oktober 2026

Hebben mensen oog voor de langere termijn?

Met het toenemend populisme zien we dat beslissingen nogal eens gemaakt worden op kosten van de toekomst. Korte termijn (geen dure omschakeling naar schone energie) overheerst over de lange termijn (schone, goedkope energie die de verandering van het klimaat niet versnelt). Korte termijn (de Franse en Amerikaanse schulden laten oplopen om nu andere dingen van te kunnen betalen) overheerst de lange termijn (gematigde schulden zorgt voor gematigde rentelasten). Inmiddels loopt de rente op, stoot de VS meer uit dan ooit en baart de Franse en de Amerikaanse schuldenlast zorgen. Voor de lange termijn is in Nederland het stelsel van sociale zekerheid onhoudbaar. Hoe pak je het dan aan?

Breng de toekomst in door generatiedebatten te voeren
De lange termijn heeft nogal eens het onderspit gedolven in democratieën. Een nogal enthousiast ontvangen boek gaat hier over. Pierre Rosanvallon ziet in zijn boek La Tyrannie du présent (2026) een mechanisme waardoor democratieën moeite hebben met langetermijnuitdagingen zoals klimaatverandering, overheidsschuld en intergenerationele rechtvaardigheid. Hij legt het uit als een democratisch falen. Rosanvallons centrale stelling is dat “korte-termijnisme” (court-termisme) de dominante logica van de hedendaagse politiek is geworden.

Hij gaat daarin wat ver, maar heeft wel interessante oplossingen voor dit falen. Want hij heeft ook gekeken naar methoden om het te corrigeren, die steeds blijven falen. Hij stelt dat het huidige democratische debat wel spreekt over rechtvaardigheid (wie betaalt wat?) maar alleen de rechtvaardigheid nu en niet de rechtvaardigheid tussen generaties nu en in de toekomst, waardoor de toekomst te weinig belang krijgt in het debat. Daarom pleit hij voor het organiseren van publieke debatten over generaties heen en het instellen van burgerraden met meerdere generaties (conventions citoyennes) als aanvulling op het parlementaire werk. Het werd nogal gunstig besproken, hier in NRC. Ik ben zeker voor experimenten om ook de toekomst of de natuur en de toekomstige generaties meer stem te geven.

Mist hij niet de kern?
Hoe interessant ook, de vraag is of hij de kern echt te pakken heeft. Uitzonderingen zijn er namelijk wel in Nederland. Een mooi voorbeeld is het akkoord van Wassenaar (1982) in een tijd dat de werkloosheid fors bleef toenemen. Werknemers waren uiteindelijk bereid loonsverhoging in te leveren om de werkweek korter te maken, met als doel om banen te verdelen over meer mensen (en als land concurrerend te blijven). De overheidsbegroting toonde toen een tekort van 12%. Elk jaar twaalf procent meer uitgeven dan je binnenkrijgt: dat houd je niet lang vol. Het drong pas echt goed door na discussies tussen vakbeweging en werkgevers, maar misschien belangrijker: na het sluiten van het akkoord, voorbereid in de SER kwamen de felle discussies over de toekomst van het werk, werkloosheid en internationale concurrentie. Achteraf werd het akkoord gezien als een groot succes voor Nederland. Kok leerde hiervan wel dat hij mensen meer moest meenemen en pakte het met de Wao dus anders aan.

Ja, de ingrepen in de Wao (1991-1993), waarbij inmiddels minister van Financiën Wim Kok moest uitleggen dat de groei van de Wao ondraaglijk werd. De PvdA leden wilden geen ingreep. Om het tij te keren, trok Wim Kok (toen partijleider van de PvdA en minister van Financieren) in augustus en september 1991 langs tal van emotionele en stormachtige bijeenkomsten van lokale PvdA-afdelingen door het hele land. In volle zalen ging hij rechtstreeks de confrontatie aan met boze partijleden en vakbondsactivisten. Zijn boodschap was hard maar helder: de verzorgingsstaat moest worden hervormd om in de toekomst betaalbaar te blijven, en als de partij hem niet steunde, zou hij aftreden als minister van Financiën. Het lukte. Toegegeven: de PvdA verloor daarna in 1994 de verkiezingen, maar klom de verkiezingen (1998) daarna onder Kok daarna terug naar 45 zetels. Over zicht op lange termijn gesproken….

Ons sociale stelsel gaat onbetaalbaar en onuitvoerbaar worden
Wat zouden we nu in Nederland moeten doen? Onze overheidsschuld is laag, ons begrotingstekort ook, we hebben een toekomstvast pensioenstelsel waar andere landen jaloers op zijn. Zo slecht gaat het niet. Maar er moet wel iets gebeuren.

De vergrijzing doet de uitgaven aan AOW en zorg snel stijgen, daar moeten we nu iets mee. De overheidsdruk groeit doordat minder werkenden meer uitkeringen moeten bekostigen, er is weinig animo om dit op te lossen met veel migranten. Uitvoeringsinstanties zoals het UWV en de Belastingdienst kampen met personeelstekorten. Wet- en regelgeving is complex, wat zorgt voor fouten en lange wachttijden. Politieke discussies over bezuinigingen op de WW en WIA leiden terecht tot maatschappelijke onrust en stakingen, toch moet er iets gedaan worden. Want we moeten wel een sociaal land blijven. Maar er is een tekort aan werkenden, veel vacatures blijken lastig te vervullen. Dit is structureel. Ons sociale stelsel, dat vooral is gericht op uitkeringen en armoedebestrijding, voldoet dan niet meer. Het moet minder ingewikkeld worden en meer helpen om weer aan het werk te gaan. Anders komen we in de toekomst klem te zitten.

De huidige politici zitten nu klem omdat er heel veel extra geld naar Defensie moet. Er is dus weinig geld om de veranderingen te smoren met geld. De vakbeweging verzet zich terecht tegen pure bezuinigingen. Ik zie de politici nu niet meer het land in gaan om te overtuigen van de noodzaak van verandering (hoewel, ik zie het Vijlbrief wel doen, maar Heinen als verre opvolger van Kok op Financiën niet).

Nu kunnen we een generatie burgerraad organiseren. Zou dat helpen? Zijn dan ingrepen als verhoging de vermogensbelasting bespreekbaar? Hoe doe je dat met de verhoging van Aow-leeftijd? Hoe ga je om met de zorg in de toekomst? (Over zorg zijn ook burgerberaden georganiseerd met mooie uitkomsten) Mijn vraag: worden de keuzen uit burgerberaden overgenomen en geaccepteerd? Hoe verantwoorden de burgerberaden zich? Wie geeft uitleg om de kiezers te overtuigen? Of hebben de mensen vanzelfsprekend vertrouwen in de burgerberaden? Ik geloof dat het teveel beperkt blijft tot een centralistische oplossing.

De kern: ervaring met moeilijke beslissingen over de toekomst
Misschien mist er iets heel anders. Ik denk dat we meer ervaring op moeten doen met kiezen tussen kwaden met het oog op de toekomst. (Ik pleitte daarom eerder voor een bezuinigingswijzer bij de verkiezingen: hoe ga je je wensen betalen?). We leren niet om voldoende betekenis toe te kennen aan gevolgen in de toekomst en daar nu wat voor in te leveren.

We hadden vroeger woningcorporaties waar de leden zelf besloten over de toekomst, over investeringen en over huurverhoging om ook op lange termijn te blijven bestaan. Inmiddels zijn de corporaties grote (professionelere) organisaties waar huurdersvertegenwoordiging alleen wat geformaliseerd adviesrecht hebben. Scholen werden bestuurd door ouders, nu door bestuurprofessionals die heel grote schoolorganisaties besturen. Heel veel eigen ervaring met het maken van moeilijke keuzen tussen twee kwaden doen mensen nu dus minder op.

Daar zit de kern: ervaring opdoen in het maken van moeilijke keuzen, gedwongen worden verantwoordelijkheid te nemen bij keuzen tussen kwaden. In je eigen buurt, rond je eigen (huur)woning kun je leren om verantwoordelijkheid te nemen. Dan verandert de basis en dan verandert de politiek.

Ik ben er van overtuigd dat in gesprekken met de vakbeweging, hun leden en jongeren een weg gevonden kan worden. Leer de mensen dat er geen gratis-bieroplossing is. Bespreek hoe de toekomst er uit moet zien.

Dat gesprek moet je niet ingaan met bezuinigingen, maar je moet wel laten zien dat moeilijke keuzen nodig zijn voor de toekomst, omdat anders in de toekomst wel zwaardere bezuinigingen zullen volgen.

maandag 21 september 2026

Een soort RIVM voor drugs

Af en toe zie je verschrikkelijke beelden van verslaafden aan fentanyl en onlangs berichtte het journaal over Kush-verslaafden in Sierra Leone en Liberia. Eerder al op youtube: hier Je ziet mensen als zombies langs de straat liggen. Hoewel deze beelden de meest extreme toestanden tonen, is er meer dan dat. Mensen die incidenteel gebruiken, mensen die verslaafd zijn en een groot deel van de dag functioneren en mensen met een combinatie van uitputting, dakloosheid en andere problemen.

Alsjeblieft geen war on drugs
Maar let op: dit is geen post om te pleiten voor de harde aanpak van (synthetische) drugs. Het probleem van de "war on drugs" is dat er geen goede resultaten te melden zijn. Ja, grote aantallen arrestaties, kilo's in beslag genomen drugs of opgerolde laboratoria. Maar het maakt de beschikbaarheid niet minder. Dat blijkt uit het in juni verschenen rapport en het dreigingsbeeld van de European Union Drugs Agency. De EUDA constateert dat smokkelaars na intensievere controles in grote havens uitwijken naar nieuwe smokkelmethodes (overdracht op zee, andere havens). Dus: Stop met het behandelen van drugsgebruikers als criminelen, maar creëer een systematisch traject van opsporing en beoordeling naar behandeling. Investeer tegelijkertijd in bewezen methoden die direct levens kunnen redden. Het morele en individuele beroep om niet te gebruiken en zo niet mee te werken aan illegale toestanden helpt niet!

Gereguleerde aanpak voor cannabis en MDMA
In Nederland is ooit het gedoogbeleid voor cannabis uitgevonden. Dat is dus wat anders dan legalisering wat ik voor cannabis zou bepleiten: legaal maar ook gereguleerd met regels als maximaal THC - gehalte, minimumleeftijd, geen reclame, accijns. Helaas is dat nog geen gemeengoed.

De samenleving als geheel zal hoe dan ook moeten leren omgaan met drugs. Want met cannabis zijn we er niet.

Nederland is nog steeds erg gericht op verboden. MDMA staat op de lijst van verboden middelen. MDMA is relatief veilig en de problemen gaan meer over onbekende sterkte, vergiftigingen, milieuschade en natuurlijk: georganiseerde criminaliteit. Als mensen MDMA toch gebruiken, waarom zou je dan de volledige productie overlaten aan criminelen? Dus gereguleerde verkoop met helder gecontroleerde productie en duidelijkheid over dosering. Let wel: MDMA is echt wat anders dan fentanyl of nitazenen en andere synthetische opioïden. Dat vraagt ander beleid.

Fentanyl is overigens een vrij specifieke chemische stof, terwijl Kush (waar ik in de inleiding over schreef) een illegale, wisselend samengestelde straatdrug is, niet te verwarren met de cannabissoort. De WHO geeft aan dat Kush een combinatie is met onder meer cannabis, fentanyl en tramadol. Er zijn aanwijzingen dat de samenstelling in de praktijk sterk varieert, wat het nog gevaarlijker maakt.

Fentanyl: war on drugs geen antwoord
Ook voor de synthetische opioïden is een oorlog tegen drugs niet het antwoord (helemaal vrij geven ook niet). Daarom zou ik ook daar het persoonlijk bezit proberen uit het strafrecht te halen en te mikken op behandeling, preventie en voorlichting en waarschuwingen. En een gecontroleerde medische voorziening voor mensen bij wie conventionele behandeling onvoldoende werkt.

Criminaliteitsbestrijding moet ook goed doordacht gebeuren, vooral door de aanvoerlijnen van de chemicaliën uit China en India aan te pakken en het kennen van de drugsmarkt door de politie. Elke keer dat de overheid een specifieke drugssoort aanpakt, stappen criminele chemici over op nieuwe stoffen met een vergelijkbare structuur die moeilijker te traceren zijn en steeds zien we potentieel dodelijkere drugs terugkomen.

Waarschuwingen zijn hier echt belangrijk. Bij synthetische drugs weet de gebruiker vaak niet precies welk molecuul of welke dosering hij koopt. Drug-checking geeft individuele gebruikers informatie, maar heeft nog een tweede functie: laboratoria kunnen een gevaarlijke batch vroeg ontdekken en vervolgens landelijke of lokale waarschuwingen verspreiden. De EUDA ziet zulke systemen daarom ook als onderdeel van een early-warning-infrastructuur.

RIVM voor de epidemiologie van de drugsmarkt
Nederland zou een soort "drugs-RIVM" kunnen hebben dat voortdurend de markt analyseert en waarschuwingen verspreid naar ziekenhuizen, politie, GGD en festivals.

Inderdaad worden er geregeld laboratoria opgerold en drugs gevonden. Maar we moeten het succes van ons drugsbeleid anders gaan meten: denk aan het aantal mensen met problematisch gebruik laten dalen, sterfte door overdoses verminderen, èn aanpak van ondermijning. Het gaat dus niet om “hoeveel drugs hebben we onderschept?”, maar om de vraag: “wat gebeurt er met de gezondheid van de bevolking?” en "hoe zitten we de criminelen echt dwars?"

Een RIVM voor drugs zou een belangrijke rol kunnen hebben in vroege signalering, gevaarlijke versnijdingen, veranderingen in zuiverheid en een Nationaal Drugs Dashboard. Dat gaat dus verder dan het huidige CAM. Voor nieuwe ontwikkelingen blijft het belangrijk om te kijken wat werkt. Een Nederlandse Drugs-RIVM zou daarmee eigenlijk de “epidemiologische infrastructuur voor de drugsmarkt” worden.