vrijdag 31 mei 2013

Maak huurders weer eigenaar van hun corporatie

Hoe versterken we het zelfcorrigerend vermogen van corporaties? Natuurlijk is er veel fout gegaan, maar ik houd mijn hart vast als minister Blok de macht naar zich toetrekt. Gaat het dan ineens beter? 

De woningcorporaties hebben nogal wat fouten gemaakt sinds de verzelfstandiging. Zo staat te lezen in het rapport "De Balans verstoord" dat in opdracht van Aedes werd gemaakt. Grotere risico's op de vastgoedmarkt gingen gepaard met ontbreken van eigenaren tekort schietend intern en extern toezicht, tekortschietend moreel kompas en zelfcorrigerend vermogen. 

Ik herken veel uit het stuk over toezichtop corporaties in 2020 van Carry Bomhof en mij, maar is dat het dan?

Waarom ging het bij Vestia fout en bij anderen niet?
Ik mis dat er ook situaties waren die niet uit de hand liepen, maar op tijd werden gecorrigeerd. Waarom ging het daar niet fout en elders wel? Want ook van die situaties valt te leren. Neem een jongen die op het criminele pad is geraakt. Dat ging misschien al mis toen zijn ouders gingen scheiden en hij achterbleef met een verslaafde moeder. De conclusie zou kunnen zijn dat we scheidingen en drugs moeten verbieden. Maar misschien moeten we ook kijken waarom het met de meerderheid wel goed gaat om niet in een tunnelvisie terecht te komen. Net zoals we bij banken niet moeten vergeten dat de Rabobank helemaal niet omviel.

Betrokken en in de lokale omgeving gewortelde corporaties
Ik kom nogal eens bij corporaties die zich trots een ouderwetse corporatie noemen. Neem mijn visitatie bij Woningstichting Naarden. Nooit meegedaan aan die zaken die net op het randje zitten en altijd in het oog gehouden dat het om mensen gaat. Terwijl er bij deze corporatie wel aangedrongen is op meer verkoop van woningen en grotere leningen nemen. In begin 2000 een beetje zielig aangekeken door collega's en nu de partner waar iedereen mee samen wil werken. Deze corporatie had een zelfcorrigerend vermogen dat wel sterk was. Dat bevatte:
  • Sterke beroepstrots: de directeur is trots dat hij echt wat bijdraagt aan de samenleving.
  • Zelfcorrigerende teams: in zijn omgeving zitten mensen die hem op tijd op zijn grenzen wijzen. De Raad van Commissarissen kijkt op tijd mee. De (eigenwijze) directeur zoekt steeds mensen om hem te voeden.
  • Burgerbetrokkenheid: de corporatie organiseerde altijd de betrokkenheid van de huurders, die door de kleine schaal de directeur goed kennen. Op bewonersbijeenkomsten komt de directeur geregeld op de koffie.
  • Kleine schaal: door de kleine schaal voelen de huurders zich meer thuis bij de corporatie en is het meer “hun vereniging”.

Dat mis ik in het stuk van Aedes, hoewel het sterk is dat ze de beestjes wel bij de naam noemen.En dat ze constateerden wat miste: zeggenschap voor bewoners (dat waren woonconsumenten), transparantie en kritische samenwerkingspartners (die waren veel te blij met de investeringen).

Wat wordt de reactie
Wat zal dan de reactie van de politiek zijn op dit te weinig kritiek organiserende systeem dat mis ging. Gaan we iets breder kijken, dan komen we uit op Cees Schuyt die eens zei:  “Theoretisch zijn er drie antwoorden op de lankmoedigheid van sociale systemen, waarvan het eerste het meest genoemd wordt, maar zeker niet het beste zal blijken te zijn:
  1. verscherp de selectie en de controle;
  2. organiseer op veel kleinere schaal;
  3. meng de kenmerken van twee systemen en maak een half-om-halfsysteem.”
(in Op zoek naar het hart van de verzorgingsstaat.)

Ik vermoed dat de Kamer geneigd is de eerste oplossing te kiezen, dat gebeurt overal waar de Kamer reageert op missers. Ik hoop dat we ook kunnen zoeken naar een betere werking van het zelfcorrigerend vermogen in combinatie met het opknippen van systeemcorporaties (die te groot zijn om om te vallen).

Maak niet de minister maar bewoners eigenaar
Daarom mijn verzoek aan de Kamer: ga ook eens kijken waar het corrigerend vermogen wel werkt en waarom! Dan zullen we dit merken: niet de minister moet eigenaar worden van het probleem, maar de huurders eigenaar van de corporatie.

Het allermoeilijkste: elkaar aanspreken op ongewenst gedrag

We hebben heel veel moeilijke dingen uitbesteed. Dat is heel handig: kijk naar wat we allemaal kunnen kopen, waarbij we controle op veiligheid niet zelf hoeven te doen. Dat gaat niet altijd goed, denk aan het paardenvlees dat verkocht werd als rund, maar vrijwel altijd gaat het goed en is het economisch efficiënt. Anderen controleren, anderen treden op tegen overtredingen. Ook de politiek hebben we uitbesteed: aan professionele politici. Die mogen dan vervelende bezuinigingen uitleggen. Maar aan dat uitbesteden zitten grenzen en die zitten vooral in de omgang met elkaar. We spreken elkaar niet aan op wat we niet leuk vinden!

Laatst sprak ik huurders over een woningcorporatie. De corporatie deed veel met bewoners, gaf bewonerscommissies ruimte om mee te praten, gaf huurders de ruimte te stemmen op vergaderingen van verenigingen van eigenaren en gaf bewoners mogelijkheden om zelf het groen te beheren. Prima. De corporatie had ook huismeesters aangesteld. Die doen kleine klusjes en houden de boel in de gaten. Wie rommel op straat gooit kan rekenen op een waarschuwing van de huismeester. Dat had het aanzien en het gevoel van veiligheid in de buurt goed gedaan.

De huismeester als onmisbare bijdrage aan de leefbaarheid
Nu moet die corporatie bezuinigen en is de vraag of de huismeester volledig kan blijven. Dat zouden de huurders niet leuk vinden: daar mag echt niet op bezuinigd worden. Om het argument wat sterker te maken gaf een huurder er een voorbeeld bij.  "Als de huismeester een week op vakantie is, zie je direct! Er liggen vuilniszakken waar ze niet horen en overlast neemt toe" Dat is natuurlijk een mooi compliment voor de huismeester, maar het doet wel de wenkbrauwen fronsen. Want het aanspreken van bewoners op het gewoon dumpen van je huisvuil is eigenlijk iets wat iedereen zou kunnen doen.

Het aanspreken van je buren is echter het allermoeilijkste. Dat vervelende nieuws waardoor je buurman of buurjongen zijn gang niet meer kan gaan, laat je liever door een ander brengen. Geen wonder dat laatst werd geconstateerd dat zo weinig ingrepen voor de leefbaarheid helpen, behalve dan de buurtwachten: daar voelen de eigen bewoners de noodzaak om elkaar aan te spreken en leren ze weer dat je dat gewoon kunt doen!

Bij ons in de buurt spreken we elkaar ook aan op diverse zaken. Ik merk dat ik dat verschrikkelijk moeilijk vind. Vooral wanneer iemand andere normen heeft dan ik kan ik daar moeilijk mee om gaan (als ik te horen krijg dat mijn fiets niet op straat hoort te staan, maar in de schuur moet vind ik dat moeilijk). Maar voor de simpelste zaken, zoals zwerfvuil is het nu wel heel normaal.  

Nog moeilijker: iemand aanspreken die je niet kent
Nog moeilijker is het als je iemand niet kent. Denk aan de jongen die in de bus een extra plek in beslag neemt of die de rest van de bus overlast bezorgt door harde muziek of gewoon ergerniswekkende racistische of aanstootgevende praat. Dan weet je niet hoe agressief die op je reprimande zal reageren. De meeste mensen zullen het dan laten bij gemopper in de hoop dat de jongen het hoort en wat doet (of dat iemand anders wat doet). Dat werkt niet.

Het begint met elkaar leren kennen
Bij ons in de buurt heeft iemand de overlast van jongeren heel anders aangepakt. De jongens kwamen hangen in de tuin, rond de schommel en het bankje. Zodra de jongens er weer waren ging onze buurvrouw naar buiten met een potje thee en wat extra glazen. "Hallo, ik ben Anja, wil een van jullie een kopje thee?" klonk er dan. Ze leerde de jongens kennen en de jongens bezorgden direct geen overlast meer. De lol was er af. Dat wordt ook ondersteund door wetenschappelijk onderzoek: jezelf voorstellen voor je kritiek geeft helpt!. Elkaar dan aanspreken op de meest basale zaken die overduidelijk vallen in de categorie: wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet. Daar begint het dan mee en op dat punt hebben alle culturen dezelfde norm.

Dat zou dan ook de rol moeten zijn van zo'n huismeester. De mensen moeten elkaar leren kennen en er aan wennen dat ze elkaar best mogen aanspreken op die basale overlast: geen lawaai na 22 u, geen zwerfvuil.  Dat lukt beter door eerst gezamenlijk het groen bij te werken en de openbare ruimte schoon te maken, dan door het voorbeeld te geven en als huismeester de mensen aan te spreken. Zo wennen de mensen er weer aan dat sommige zaken niet uitbesteed moeten worden, maar zelf aangepakt.

Een huismeester die zichzelf overbodig maakt. 
Een buurtwacht instellen zou kunnen (duidelijk is dan dat de mensen nu eenmaal de rol hebben om elkaar aan te spreken), maar het kan ook een gezamenlijke afspraak zijn(nadat iedereen elkaar heeft leren kennen). Dat vraagt nogal wat van de huismeester! Maar wel een duurzamere oplossing voor de buurt.

Dat zou de huismeester veel beter kunnen doen. Want de buurt verbetert pas als het gedrag van alle bewoners verbetert, niet als de huismeester zich onmisbaar maakt.


P.S. De Gouden Regel! Wat gij niet wilt dat u geschiedt doe dat ook een ander niet. De gouden regel komt terug in bijna alle culturen en geloven en is terug te vinden bij Confucius, het Hindoeïsme, de Islam, het Christendom. Quod tibi fieri non vis, alteri ne feceris!

vrijdag 24 mei 2013

Niet alleen je stoepje vegen, maar ook de billen van de buurman

Er is veel kritiek mogelijk op de vanzelfsprekendheid waarbij zorg wordt overgelaten aan de overheid. We horen het veel de laatste tijd: de zorg is niet alleen onbetaalbaar, we hebben de gemeenschapszin vergeten! Daarom heeft het kabinet een omwenteling in voorbereiding die zijn weerga niet kent. Kunnen we die omwenteling wel aan en willen we die? En nog moeilijker, kunnen we daar nog wel over besluiten?

De kritiek is dat de zorgsector afhankelijk maakt. De zorgsector heeft het mogelijk gemaakt dat sociale netwerken zwakker werden. En omdat er geen sociaal netwerk meer is dat mensen van 70 stimuleert om zich te gedragen als 60 gaan de 70-ers zich gedragen als 80. Denk aan de toenemende incontinentie omdat mensen alleen op vaste tijden verschoond kunnen worden. Of denk aan betaalde thuishulp die schoonmaakt en helpt met aankleden, maar eigenlijk nodig is omdat mensen vereenzamen wanneer de buren en familie er niet meer naar om kijken.

Eenmaal gevormde (zorg)instellingen gaan zich ook onmisbaar maken en maatregelen nemen om het systeem van professionals te versterken. Als het eenmaal regel geworden is dat kinderen onderwijs op een school krijgen, wordt thuisonderwijs strafbaar. Terwijl het doel van het onderwijs ooit was om kinderen kennis en vaardigheden bij te brengen, is het onderwijs zelf het doel geworden. En kijk eens hoe moeilijk ouders zelf kinderopvang kunnen organiseren omdat ze ineens diploma's nodig hebben om elkaars' kids op te vangen. Veel zorg is duur doordat de klanten in feite niet mee kunnen praten over de vormgeving.

Er is een sterk pleidooi voor sterkere sociale netwerken om mensen heen. Eerst de familie en de buurt die voor je zorgt. Dan pas de welzijns- en zorginstellingen.

Maar wat gaat er werkelijk gebeuren?
Maar hoe zit het nu met de grote omwenteling van het Kabinet en Van Rijn? De sociale netwerken moeten weer sterker worden, ouders moeten zelf ook kinderopvang kunnen regelen. Maar dit alles leidt wel de aandacht af van wat er in Nederland gaat gebeuren in die grote omwenteling.

Eerst was thuiszorg een recht, nu worden mensen weer afhankelijk van de goede wil van (ambtenaren bij) de gemeente. En laat het nu net de "lastige en vervelende" mensen zijn die van die ambtenaren afhankelijk worden. Altijd is de ene populairder dan de ander, de een heeft meer flair om het netwerk aan te spreken: dat zijn precies de mensen die niet afhankelijk worden. Mensen moeten weer iets leren wat afgeleerd is: is er een gemeente in Nederland die weet hoe dat moet? 

Rekenen op het netwerk versterkt de ongelijkheid tussen mensen. Dat mag, maar dan moet er wel hulp om het netwerk te versterken en uiteindelijk een vangnet zijn voor hen die minder medelijden opwekken. Nu dreigen er grote gaten te gaan vallen.Bovendien zal rekenen op het netwerk laten zien dat de emancipatie nog niet zo heel ver gevorderd is: vrouwen krijgen weer gewoon dubbele taken.

Als er nu iemand niet goed geholpen wordt, dan kan dat een nationaal item worden, de inspectie treedt op. Hoe gaat dat als dat in kleine kring mis gaat? Dan is het even geen issue meer!

Wat willen we met de samenleving?
En dan de vraag of we naast die sterkere gemeenschapsvorming (waar ik voor ben), deze gemeenschappen ook op willen en kunnen zadelen met verplichtingen? 

Kan dat trouwens wel? Gemeenschappen zijn niet meer zo vast als ze waren, ze zijn vluchtiger, mobieler en het gaat om zelf gekozen gemeenschappen. De overheid lijkt nu uit te gaan van de buurt als gemeenschap, maar de vraag is of we daar allemaal nog in (willen) passen. En wat vinden de patiënten, de klanten, de mantelzorgers en de belastingbetalers: hebben die niet veel interessante ideeën die nu geen kans krijgen?

Willen we wel dat de gemeente niet alleen drang uitoefent om ons stoepje te vegen, maar ook de billen van de buurman?

Kunnen we daar over besluiten?
Maar dan komen we op het moeilijkste punt. We hebben als samenleving heel veel uitbesteed aan professionals.

De thuiszorg natuurlijk, maar ook de lobby bij de politiek voor het milieu, onze bereikbaarheid, arbeid, maar ook de besluitvorming: die hebben we uitbesteed aan de politiek.

Mijn ervaring is dat als je zelf niet betrokken bent bij de besluitvorming, je niet geneigd bent je aan de afgesproken regels te houden. Ja, als de contributie van je club omhoog gaat moet je wel. Net als bij de belasting. Maar als besloten wordt dat de club een parkje schoon gaat maken of lege flessen gaat inzamelen is de bereidheid om mee te doen een stuk kleiner bij de mensen die zich niet betrokken voelen. Laat staan dat we meer voor onze buren moeten gaan zorgen.

Onze ouders, dat zouden we nog wel willen, maar die wonen vaak ver weg, in mijn geval in Maastricht, terwijl de kinderen in de randstad wonen. Onze buren, ik moet het nog zien.


PS. Ik heb gelukkig wel een grote betrokkenheid bij de buurt en mijn buren zijn een stuk jonger dan ik. De vraag is dus of ze mij willen helpen
PS 2. En toch ben ik voor die kanteling hoor! Alleen wil ik dat iedereen mee doet en dat er duidelijkheid is over steun voor wie niet mee kan.