donderdag 7 mei 2020

Coronacrisis: risicobeheer was niet op orde


Het Outbreak Management Team is aan zet als er een uitbraak is. Minder zichtbaar is dat er de rest van de tijd niet aan beheersing van een uitbraak gewerkt moet worden, maar aan het beheersen van de risico's. Het gaat er om dat je beter weet wat je moet doen als een risico zich voordoet, je daar op voorbereidt en daardoor minder kwetsbaar bent. Daar heeft ons land veel te leren. En je kunt er zelf nog steeds iets aan doen.

Hoe stond het met risicobeheer?
Risicobeheer (of risicomanagement) is een manier om structureel te kijken naar mogelijke risico's, deze te beoordelen en vervolgstappen te benoemen. Ik kom als visitator vooral risicomanagement van woningcorporaties tegen. De corporatie kijkt naar financiële risico's, projectrisico's, organisatierisico's en maatschappelijke risico's. Per risico bekijkt de corporatie hoe groot de kans is, hoe je het voorkomt, hoe groot de invloed als er iets gebeurt én wat de corporatie kan doen op het moment dat het risico werkelijkheid wordt. Hoe zorg je bijvoorbeeld dat je het ziekteverzuim beperkt, maar ook: hoe zorg je dat je kunt blijven werken mocht het ziekteverzuim toch toenemen?

Het heeft meer aandacht gekregen na de financiële crisis in 2008. Corporaties moeten weten wat er gebeurt als de rente stijgt (ze hebben grote leningen). Zo kiezen de corporaties ervoor niet alle leningen in het zelfde jaar te moeten vernieuwen: als de rente dan juist hoger is stijgen de kosten heel plotseling. Plotselinge lastenstijging is veel moeilijker te beheren dan trage lastenstijging.

Was het risicobeheer van de rijksoverheid goed op orde? Mijn antwoord is nee. Het is wijsheid achteraf en we zaten er allemaal bij, maar het antwoord blijft: nee, we waren ondanks waarschuwingen niet goed voorbereid. Het gevolg is veel hogere kosten in een zeer korte tijd dan bij goed risicobeheer.

Ik vond in de Volkskrant zaterdag 2 mei een aardig interview met David Zaruk. Zijn interessante stelling is dat er nu teveel gedaan wordt aan voorzorgsmaatregelen, omdat het ontbrak aan risicobeheer. Hij meent dat voorzorg de vervanger is geworden van risicomanagement. Voorzorg (de lockdown om te voorkomen dat mensen elkaar besmetten) was nodig omdat niemand in staat was eerdere en andere maatregelen te treffen. Het is een zware en zeer kostbare maatregel. Ik bestrijd de maatregel niet. Ik zeg alleen dat door matig risicobeheer de crisis minder goed is aangepakt.

Zuid-Korea was beter voorbereid
In Korea deden ze het beter doordat ze te maken hadden gehad met Sars en Mers. Er waren draaiboeken voor als er een epidemie uit zou breken. Zodra de besmettingen in Zuid-Korea zichtbaar waren, zijn alle geschikte laboratoria aan het werk gezet om testen te maken en sindsdien draaien producenten overuren. Dat was heel snel en heel effectief. Overal werd ook de temperatuur opgenomen. Het zegt niet genoeg, maar je bent wel besmettelijker als je koorts hebt.

Snelheid van handelen is essentieel. Zelfs in crisistijd duurt het drie weken vanaf de eerste besmetting tot er actie ondernomen wordt. Er was in China een lockdown vanaf 24 januari (duurde meer dan 3 weken, maar geen enkel ander land had nog ervaring). Wat zien we in Italie: eerste besmetting 30 januari, lockdown stadjes in Noord Italië (24/2) en (heel Italië 9/3). In Nederland? Eerste geverifieerde besmetting op 27/2, lockdown toch pas op 12/3 en 15/3. Nederland was gelukkig sneller en effectiever dan Italië, maar blijkbaar kost het moeite om tot de lockdown te komen.

Maar wat moest er gebeuren?
Er was ook niet duidelijk wat er moest gebeuren, want Veiligheidsregio’s waren niet betrokken bij de intelligente lockdown. Burgemeesters kregen de instructies per tv-uitzending. In de Volkskrant gaf de burgemeester van Hoogeveen aan dat hij op 15 maart binnen een half uur de horeca moest sluiten. Let wel: de cafés in België waren toen al eerder gesloten. Burgemeesters in België, aan de grens, riepen al eerder dat het zo niet kon.

Natuurlijk is het moeilijk om in deze tijd goed te regeren en is dit van mij wijsheid achteraf. Maar duidelijk is wel dat Nederland niet was voorbereid op een pandemie.

Het risico was bekend
Het was niet dat het risico niet bekend was. De Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid stelt vanaf 2016 veiligheidsanalyses op. Deskundigen van het RIVM schreven daaraan mee en de gevaren van een pandemie kwamen er steeds uit naar voren. Waarom was dan toch nodig om de burgemeesters op 15 maart te waarschuwen dat ze over een halfuur alle cafés moesten sluiten?

Mijn conclusie: er is niet serieus voorbereid op een pandemie.

Waren de risico's benoemd? Jawel. Je zet dan op een rijtje wat de risico's zijn en hoe groot de kans en de impact zijn. Dat is in Nederland ook gebeurd. Maar dat was niet serieus, juist omdat we slechte ervaringen hadden met de Mexicaanse griep.

De meevallende Mexicaanse griep H1N1 suste ons in slaap
In maart 2009 brak de griep H1N1 uit in Mexico. Op 28 april werden niet essentiële reizen naar Mexico ontraden. De overheid kocht grote hoeveelheden Tamiflu in. Viroloog Ab Osterhaus heette “de regeringsadviseur die in Nederland al maandenlang paniek zaait over de mogelijk verregaande epidemische en dodelijke gevolgen van Mexicaanse griep”. Hij zou dat alleen doen omdat hij banden had met de industrie.

Ik citeer Quote uit 2009 “De Nederlandse overheid heeft 34 miljoen vaccins gekocht afgelopen zomer, vele malen meer dan België, waar deskundigen juist conservatief reageerden en heel andere adviezen verstrekten aan Brussel dan Osterhaus aan Den Haag. In Nederland zwelt de kritiek tegen de paniekzaaierij van Osterhaus dan ook aan.” 

De media betitelden Osterhaus begin dit jaar nog steeds als paniekzaaier. Misschien goed om ons te herinneren dat Osterhaus op 28 februari dit jaar waarschuwt dat we in Nederland moeten stoppen met handen geven vanwege corona in China en Italië. Maar O. stond bij veel mensen in Nederland nog te boek als paniekzaaier.

Er is onderzoek gedaan naar de effectiviteit van risicomanagement. Het blijkt dat vooral het echte doorspreken van de risico's bijdraagt aan risicobewustzijn en aan het beheersen van risico's. Lijstjes bijhouden en rapporteren werkt niet. Het gaat om het echte serieus nemen.

Parlementaire enquête
Een onderzoek, waarschijnlijk een parlementaire enquête, naar het optreden rond de pandemie ligt voor de hand. Daarbij is het van belang vooral te leren èn niet alleen te kijken naar de regering. De politici (die een debat aangevraagd door Baudet afraadden omdat het Baudet was die om een debat vroeg (?)), de media (die buitengewoon kritisch waren toen Nederland teveel voorbereid was), de veiligheidsregio's (die alleen uitvoerder werden).

Persoonlijk risicobeheer
Maar hoe staat het met ons persoonlijk risicobeheer? We wassen onze handen en houden afstand. Dat is goed, maar dat is het treffen van voorzorgen. Daar waren we al niet goed in. Nibud adviseert 10% van je inkomen opzij te zetten en altijd een bedrag achter de hand te hebben, ongeveer drie keer je maandinkomen. Een derde van de mensen heeft dat niet. Geen beste voorzorg dus. Blijf nu die handen wassen! Blijf afstand houden! Dat we uit de lockdown proberen te komen is niet omdat het virus minder besmettelijk is geworden.

Risicobeheer is voorbereid zijn en weten hoe je schade beperkt voordat die zich voordoet. Voor onszelf betekent het dat we moeten kijken hoe we ons voorbereiden op het risico dat we zelf geïnfecteerd raken. Dus niet alleen handen wassen, ook immuniteit versterken is een mogelijke maatregel die wij kunnen nemen. Denk aan: altijd voldoende drinken, goed, niet teveel en gevarieerd eten, 2 stuks fruit, voldoende bewegen, goed slapen, stoppen met roken, weinig of geen alcohol gebruiken.

Misschien had Rutte dat er in de persconferentie bij kunnen zeggen. We doen het immers met zijn allen samen.

Blijf gezond.





vrijdag 1 mei 2020

Lockdown en sociale controle


Er wordt veel geklaagd over onze intelligente lockdown. Dat is begrijpelijk, want we voelen ons allemaal beperkt in wat we kunnen doen. We zoeken bovendien een zondebok: wie kunnen we verantwoordelijk stellen? Mijn vraag is nu: waar zullen we het meeste over klagen? Wat zit ons het meeste dwars? Klagen we misschien toch het meest over de ander?

Er zijn tal van gegadigden. China: de kraamkamer van het virus. Autoritaire leiders die de crisis aangrijpen om meer af te dwingen. Trump die te weinig doet, maar wel veel zegt: tot aan inspuiten met desinfectant toe. Rutte die de kappers het brood uit de mond neemt. Van Dissel die traag reageerde en Rutte adviseert om ondernemers te knevelen. Hoekstra die de KLM veel meer geld toeschuift dan de culturele sector. Jongeren die corona-partys houden en zich niets aantrekken van de lockdown. Mensen die te dichtbij komen en zich niet genoeg houden aan de aanbeveling van anderhalve meterafstand. Mensen die klagen over het te dichtbij komen. Ik denk dat het elkaar onderling aanspreken ons het meeste dwars zit. Dat raakt ons echt. (Totdat je ondernemer bent en failliet gaat, dat raakt je natuurlijk enorm)

Leve de autoritaire leider?
Wat we in Nederland zien is dat een autoritaire leider fijner is om over te klagen dan een leider als Rutte die een beroep doet op de samenleving. De lichte drang is veel disciplinerender dan de herkenbare autoritaire dwang. Je legt je neer bij autoritaire dwang en denkt er over wat je wilt.

Bij de lichte drang is het moeilijker om te blijven denken wat je wilt. Je omgeving heeft immers ook gedachten over de lockdown. Als je je er over beklaagt, staat je omgeving klaar om je te bekritiseren. Het is simpeler als een agent je op de vingers tikt, dat is nu eenmaal zijn werk. Je bent het er niet mee eens, maar je gaat er in mee. Maar de buurvrouw die zegt dat ze verdriet heeft dat jij je niet aan de anderhalve meter afstand houdt werkt op je gemoed. Zo bespiegelt Gerko Tempelman in Trouw, die bang is dat kritiek op overheidsbeleid taboe is en na de crisis de volgzaamheid groter maakt. 

Maar is de autoritaire dwang dan beter? 
Nee!

Vrijheid begrensd door de vrijheid van de ander
Op Facebook wemelt het van kritiek op Rutte en de semi-lockdown (steun is er ook, maar minder zichtbaar). Het is niet alleen toegestaan om kritiek te uiten, je vindt gelijkgestemden. Er is niets dat je denken beperkt. Hoogstens moet je leren om je niet teveel te laten meeslepen. Bovendien weten leiders in democratische landen dat er nu veel steun is, maar dat in het parlement wel verantwoording afgelegd wordt. Politici wijzen je op wat er niet goed ging, op details waar ik mij aan erger, maar ook op daadwerkelijk grote fouten. Nu is de steun voor Rutte groot, maar blijft dat zo?

Het mooie van democratie is nog altijd dat het een middel is om leiders zonder geweld weg te stemmen. Leiders die gefaald hebben, maar ook leiders die hun waarde hebben gehad en waar mensen de prioriteiten niet meer mee delen.

Is die sociale druk en dat werken op je gemoed dan niet erg? We hebben met elkaar te maken en we denken niet allemaal hetzelfde. De vrijheid die je hebt en neemt mag niet leiden tot de onvrijheid van de ander. Maar op dit moment is daar verschil van mening over. De een voelt zich onvrij doordat mensen hem aanspreken op de anderhalve meter. Hij wijst op het geringe aantal doden: mag dat een argument zijn om iedereen te beperken met grote economische schade tot gevolg? De ander voelt zich onvrij omdat hij niet kan winkelen zonder in gevaar gebracht te worden. Hij wijst op overbelaste intensive cares en mogelijk zijn oude vader en moeder die verzorgd wordt. Hoeveel moeite is het om anderhalve meter afstand te houden om je medemensen te beschermen?

Ergerlijk maar niet erg
Het is leerzaam dat we merken dat we niet hetzelfde idee hebben, dat we afhankelijk zijn van de medewerking van anderen. Ja, dat is ergerlijk. Nee dat is niet erg.

Er zijn boeken volgeschreven over de voor- en de nadelen van sociale controle. Een corona-crisis benadrukt de voor- én de nadelen van sociale controle. Ik zou zeggen: prima! We zijn een samenleving en herontdekken waar we elkaar steunen en dwars zitten. 

De uitdaging is respect voor elkaar te houden. Dat wil er helaas nogal eens bij inschieten.

donderdag 30 april 2020

Zes voorspellingen voor na de corona-crisis


Wat gaat er gebeuren als we uit de corona-crisis komen? De vorige bijdrage schreef ik over de gedachten van mensen voor de wereld na corona. Dat houdt dan vaak in dat na de crisis moet gebeuren wat ze voor de crisis al riepen. 

Klimaat, zorg geen markt, meer geld naar de zorg, minder vliegen, het leger weer op volle sterkte brengen, grensbewaking invoeren, tegenhouden van vluchtelingen of juist niet: solidariteit herontdekken en ruimte geven. Wensen zijn de vaders van vele gedachten. Wat zou er wel gebeuren? 

In de wereld is feitelijk een systeem van evenwichten. Dat kunnen hele stevige evenwichten zijn en minder stevige. Als er een schok komt blijft dat kaartenhuis niet staan, terwijl die stevige presse papier gewoon blijft liggen.

  1. Fysieke winkels verzwakken. Hoewel mensen nu snakken naar ontmoeting, geloof ik bijvoorbeeld niet dat fysieke winkels zich volledig herstellen. Die stonden zwak tegenover online bestellen en dat gaat nu nog moeilijker worden.
  2. Geopolitiek wordt belangrijker. Geopolitiek was in opkomst, paste grootmacht China goed en deed het ook bij de Amerikaanse kiezers goed. Dat blijft dan ook gewoon. De globalisering had zijn grenzen behaald en was minder sterk dan in de jaren 10. Die globalisering zal dus een knauw krijgen.
  3. De kloof tussen arm en rijk wordt niet kleiner. Wordt de kloof tussen arm en rijk niet kleiner na alle constateringen dat juist die slecht betaalde baantjes zo van vitaal belang zijn? Ik geloof er niets van. De kracht van de arbeiders in die sectoren neemt hoogstens toe omdat de globalisering vermindert. Maar de verzwakking die was ingezet door slechte zelforganisatie in vakbonden is niet ongedaan gemaakt.
  4. Het klimaat krijgt meer prioriteit. Ik denk het tenminste wel. Om twee redenen. De eerste is net als bij de andere trends: rekening houden met het klimaat was al in opkomst. Bovendien kan het zijn dat we ons meer realiseren dat we voorbereid moeten zijn op risico's. Het gaat ook mooi samen met de opbouw van de economie.
  5. De positie van kranten verzwakt verder. De sociale media geven direct antwoord op vragen ook al zijn dat de verkeerde antwoorden. Iemand die al zijn nieuws van Facebook haalt wordt snel bediend ook al zijn het complottheorieën. Mensen die geïnteresseerd zijn in overvallen door Marokkanen, krijgen geen andere overvallen te zien, die passen niet in het beeld. Dat was al aan het gebeuren en wordt sterker nu mensen thuis zitten. Jammer, ik zou het graag anders zien, maar er is geen reden om aan te nemen dat de krant met gedegener onderzoek het beter zou doen.
  6. Vrouwen dringen verder door tot de top. Dit is al jaren aan de gang. Vrouwen zijn steeds beter opgeleid, de ambitie neemt toe. Bovendien waren er aansprekende leiders tijdens deze corona-crisis. 
  7. De aandacht voor mijn blog gaat niet groeien. Ondanks de afkalving van kranten en de groei naar sociale media. Je moet vechten om aandacht en dan scoort het om vergaande uitspraken te doen. Jort Kelder stelt dat de economische schade het waard niet is om ‘te dikke 80-plussers die gerookt hebben’ te redden tijdens deze crisis'. Ja, daar kijkt iedereen naar en reageert iedereen op. Het is een raadsel waarom Marianne Zwagerman serieus genomen wordt, maar niet waarom ze aandacht krijgt.
We zullen zien. Wie vult mij aan? In de tussentijd hoop ik dat jullie gezond blijven en de nuance blijven zoeken.

P.S. En ja, de aanvullingen komen: