woensdag 17 juli 2019

Nieuwe evenwichten in tijden van directe communicatie.


Het gebeurt wel eens dat iemand iets roept op een vergadering dat niet klopt. Bijvoorbeeld dat onze laatste VVE schilderbeurt 16.000 per huis had gekost. Het voordeel van zo'n vergadering is dat er altijd wel iemand is die de cijfers wel paraat heeft en het terug kan brengen tot de werkelijkheid van 1.600 per huis voor de zevenjaarlijkse schilderbeurt. Pakweg 6 anderen knikken om aan te geven dat die 1.600 moet kloppen. De mensen op de vergadering kunnen inschatten wie het zegt, wie de reactie geeft en ze kennen de reputaties. Dat missen we in publieke meningsvorming.

In de politiek ging het altijd ook zo. Iemand roept iets, anderen nuanceren dat en de commentator van de krant zoekt uit wie het gelijk aan zijn zijde heeft op basis van de feiten. Het is een systeem waarin een evenwicht is gekomen. Met centra voor publiek debat in de vorm van de Telegraaf, de Volkskrant of de NRC. De partijpolitiek is er helemaal op ingericht.

Dat evenwicht wordt nu verstoord door directe communicatie. Wat een politicus twittert wordt niet becommentarieerd of gefilterd, het verschijnt direct bij de kiezer. Meningen en argumenten komen direct bij de kiezers terecht. Die reageert daar op en voelt een band met de politicus. Politieke strijd wordt niet meer gevoerd door de dialoog te zien tussen politicus, zijn tegenstrever en de commentator. Eigenlijk is er geen politieke strijd: de politicus zorgt dat de nuancering, feitencheck, tegenargumentatie niet bij de kiezer terecht komt. De mechanismen van twitter en facebook helpen daarbij. Lastige tegenargumenten komen gewoon niet meer terecht bij de kiezers.

Kranten verliezen hun functie en zoeken nieuwe invulling (zoals de campagne-journalistiek van de Telegraaf). Nieuwe duiding komt van TV-makers, columnisten, BN-ers en influencers. Via facebook, twitter, instagram halen de mensen zelf wel meningen op waar ze behoefte aan hebben. De fittest will survive. 

Het is een ontwikkeling waar we mee moeten leren leven. Een vertrouwde vorm van publiek debat verdwijnt. Dat is natuurlijk al lang gaande nu we niet meer allemaal tegelijk naar hetzelfde TV - programma kijken. 

Het doet mij denken aan de reclame die terecht kwam bij Oostduiters na de Duitse eenwording. Altijd waren ze uit de buurt van de kapitalistische uiting gehouden, ze kenden hoogstens partijpolitieke reclame. De nieuwe kapitalisten trapten in de meest simpele reclametrucs. Ze kregen “persoonlijke” brieven: “ja, u leest het goed, meneer Albeda, uw kans om te profiteren van dit geweldige aanbod. Duizenden gingen u al voor, maar reageer dan wel snel!”. Door schade en schande leerden ze. Als het te mooi lijkt om waar te zijn is het niet waar......

Dat gebeurt nu weer. Frustrerend, maar waar. Nepnieuws, verdraaide uitspraken, framing, het hoort er allemaal bij. De directe communicatie met kiezers is de kans om directe, ongefilterde invloed uit te oefenen. Nieuwe soorten politici komen op, nieuwe vormen van campagnevoeren. Ten koste van de traditionele partijen. Dat is wat ze disruptie noemen: het verstoren van de oude evenwichten tussen machten: kranten, TV, politieke partijen. 

Is dat allemaal erg?
Ja, er gebeuren soms verschrikkelijke dingen. Mensen die spreken over dobbernegers in plaats van vluchtelingen die bijna verdrinken in de middellandse zee, schoppen het tot de gemeenteraad en de Eerste Kamer.  Een president die leden van het parlement aanraadt terug te gaan naar hun land van origine (ook al kwamen drie van de vier uit de VS). Russische bots beïnvloedden de verkiezingen. Woede wordt gevoed en gebruikt om mensen te manipuleren.

Toch hoeft het niet erg te zijn. Je kunt zeggen dat het voor politici ook een voordeel kan zijn. Hoe wankel en dun is de band tussen kiezer en gekozene niet geworden? Het is toch een fantastische kans om direct uitleg te kunnen geven over je standpunt en direct te vertellen wat je wilt?

Je zou eigenlijk vooral moeten kijken wat zorgt voor het nieuwe denken en debatteren en het nieuwe evenwicht.

Factchecks en nieuwe publieke debatten
Factchecks zijn al opgekomen. Ook zijn er interessante experimenten om mensen weer tot een publiek debat uit te dagen via de Tweede mening, waarbij een representatieve groep burgers de feiten te zien krijgt en kijken of de gemeente goede afwegingen maakt. Ook in de tijd van het Oekraine-referendum gebeurde het met representatieve groepen die zelf vragen konden stellen over het verdrag, met elkaar in gesprek gaan en na afloop mochten stemmen. Die stemming week volledig af van de heersende opinie, die niet gesteund was door feiten, maar door woede over de EU en de elite. Het werd het bespreken van een dilemma in plaats van het de wereld ingooien van een mening.

Er is vast meer mogelijk. Misschien komen er wel chatbots die direct jouw vraag kunnen checken? En uiteraard moeten we verder werken om de macht van Facebook in te perken en manipulatie door reclamemakers aan de schandpaal te nagelen en misbruik van persoonsgegevens te voorkomen. Reclameuitingen zijn immers ook niet onbeperkt toegestaan.

Ik denk dat we door moeten zoeken naar dat soort instrumenten en niet moeten proberen de tijd tegen te houden en op te roepen te stoppen met Facebook en Twitter te verketteren. Trump heeft laten zien wat er kan, hij gebruikt (misbruikt) de macht die met het beroep komt. Kijk dan hoe je weer zorgvuldig kunt debatteren, in plaats van te mopperen. Hetzelfde was de reactie toen de boekdrukkunst werd uitgevonden en de macht van de katholieke kerk afkalfde. Uiteindelijk kwam er veel goeds van de boekdrukkunst, ook al werden de boeken van Spinoza eerst in Nederland verboden.

Mijn advies: accepteer en pas je aan. Zorg dat mensen meer mogelijkheden krijgen goed een mening te vormen, dat brengt pas echt goede democratie.

  1. Maak nieuwe ruimten voor publiek debat (zoals de tweede mening en burgerjury's)
  2. Geef vanuit de politiek duidelijk aan met welke dilemma's je worstelt
  3. Maak de burger sterker door hem toegang te geven tot feitenchecks
  4. Treed op tegen machtsmisbruik
  5. (en oefen op school al in het herkennen van nepnieuws, framing en manipulatie)

Directe communicatie is een nieuwe vorm, dus die gaat gebruikt worden. Tegelijk is er ergernis over nepnieuws en ophitsing. Doe daar wat aan!

maandag 15 juli 2019

Bioloog Darwin en chemicus Van 't Hoff helpen de politiek


Er zijn een paar principes die ik bewoner om de eenvoud en de verklaringswaarde. Bovenal zijn dat Darwin, met the survival of the fittest over natuurlijke selectie en Van 't Hoff met het principe van Le Chatelier – Van 't Hoff over evenwichten. Met de twee principes kun je veel voorspellen over beleid van de overheid.

The survival of the fittest wordt ten onrechte wel eens vertaald als de sterksten overleven. Waar het echter om gaat is dat de soort die het best past bij de omstandigheden overleeft. Hoewel een biologische wet is het principe simpel en breed toepasbaar. De term survival of the fittest komt dan ook van de econoom Herbert Spencer, die het principe van Darwin toepaste op de economie (en dacht dat zonder overheid de sterkste zou overleven en de bekwaamste mensen zouden overblijven).

Survival of the fittest in het drugsbeleid
In het drugsbeleid kun je goed zien hoe het principe van selectie uitpakt. Er is verslaving dus een sterke vraag naar drugs. Maar de overheid is niet blij met de dealers en zet een oorlog in. Het is gevolg is dat wie niet goed is aangepast aan de ingrepen van de overheid opgepakt wordt. De beste smokkelaars, de meest meedogenloze drugsdealers, de slimste producenten zullen overleven. De strijd tegen drugs leidt tot steeds moeilijker bestrijdbare criminaliteit.

In het alcoholbeleid zie je een heel andere groep overleven. De slimste producenten die zich netjes aan de regels houden die de laagste kosten hebben, hebben zich het beste aangepast en overleven. Overigens proberen de producenten van alles uit, dus ook het zorgen voor meer verslaafden, alcohol associëren met plezier en gezelligheid, een monopolie trachten te verwerven.

Principe van het evenwichtsherstel
Het principe Le Chatelier – Van 't Hoff komt uit de chemie en is even briljant, misschien wel briljanter. Het principe stelt “Als in een chemisch systeem een verandering optreedt in concentratie, temperatuur, volume of totale druk, met andere woorden, een evenwichtsverstoring, dan zal het evenwicht zodanig verschuiven dat die verandering tegengegaan wordt. Uiteindelijk evolueert het systeem naar een nieuw evenwicht.” Algemener gesteld zegt het principe “Als in een systeem een verandering optreedt zal het evenwicht zodanig verschuiven dat die verandering tegengegaan wordt”.

Een voorbeeld zagen we al bij het drugsbeleid. Er is staand beleid van de politie en de criminelen. Af en toe wordt er iemand gepakt of een container gevonden. Dat is het evenwicht. Totdat de overheid een grote actie op touw zet die het evenwicht verstoort. (Of een drugscrimineel die dat doet, dat gebeurt ook).

Wordt er een container gevonden en is er dus minder cocaïne op de markt, dan maakt dat cocaïne waardevoller, de prijs gaat omhoog en meer mensen overwegen om hier iets mee te doen, waarna het evenwicht weer herstelt. De verandering die de ontdekking van de container bracht, wordt ongedaan gemaakt. Dat kan zijn dat het terugkeert naar het oude evenwicht. Het kan ook zijn dat er een nieuw evenwicht ontstaat. Bijvoorbeeld als een nieuwe drug die eerst geen kans kreeg omdat iedereen zich oriënteerde op cocaïne ineens aanslaat. Het evenwicht wordt immers pas echt veranderd als er iets nieuws opkomt (in de biologie een nieuwe soort die beter past bij de omstandigheden, in de drugswereld een nieuwe drug, nieuwe smokkelmethode of een nieuwe aanvoerlijn).

De principes zijn zo breed dat je het overal kunt toepassen. Rond illegalen: als je mensen in de zee redt, kunnen smokkelaars daar op gaan rekenen. Als je asielzoekers in grote centra en zonder kans op werk bij elkaar zet, integreren ze niet. Rond ouderenbeleid: als je verzorgingstehuizen sluit komen er nieuwe vormen van zorg op (in Italië dat sterk vergrijst zijn het  overigens vaak illegalen die ouderen verzorgen). Als je vliegen goedkoper laat zijn door minder belasting te heffen dan op treinreizen, gaan mensen meer vliegen. Als je betere wegen bouwt, gaan mensen weer makkelijker met de auto, net zo lang tot het evenwicht (de files) weer terug is. 

Altijd scenario's maken waarin de reactie van het systeem bekeken wordt
Dit is waarom de overheid altijd scenario's moet maken bij nieuw beleid. Dat stelt de politiek in staat betere keuzen te maken. Vaak wordt beleid ingezet als reactie op een probleem. De ingreep is de oplossing. Maar je moet kijken wat de effecten kunnen zijn en daarbij tegendenkers vragen die een negatief scenario tegenover wensdenken kunnen zetten. 

Dat is tevens de reden dat we veel meer moeten kijken naar de gevolgen van beleid en sturen op feedback dan op het ontwerpen van nieuw beleid. Helaas is de verantwoording in de overheid nog altijd minder interessant dan het nieuwe beleid. 

dinsdag 2 juli 2019

De toekomst maak je samen

In een interessant artikel in The Economist wordt de scheiding van de politieke gedachten rond immigratie vergeleken met de nieuwe scheiding van gedachten rond de aanpak van de klimaatverandering. Op het moment dat je kolencentrales sluit weet je een hoop CO2 uitstoot te voorkomen. Maar de omslag naar een meer klimaatvriendelijk beleid is ook een aanslag op de tradities, manier van werken en de portemonnee van mensen. Neem de werkgelegenheid bij een kolencentrale. Neem de mensen die hun huis van het gas af moeten halen. Neem de mensen die een auto hebben voor hun werk, geen goed alternatief en meer moeten betalen. Neem de mensen die gebonden zijn aan de werkgelegenheid op Schiphol. Geen reden om niets te doen, wel om samen door te denken hoe het wel kan. 

Bij het debat over immigratie ontkenden veel mensen de problemen rond migratie: ineens een andere taal op het schoolplein, andere culturen in de buurt, afnemende sociale samenhang. Het gevolg was dat partijen als de PVV extra wind in de zeilen kregen. Geef nu niet Baudet, die profiteert van de klimaatdiscussies, diezelfde wind in de zeilen. Dat gebeurt heel aardig met het klimaat akkoord.

De les van de opkomst van de populisten rond immigratie is dat je niet de zorgen aan de populisten over moet laten. Neem de zorgen van mensen die te maken hebben met de schaduwkanten van verandering serieus, zoek uit wat emotie is en wat rationele bezwaren zijn. Kies niet voor paternalisme of juist de aanval, maar ga in gesprek. Behandel hen als volwassen deelnemers in de democratie. Zoek hoe je de pijn eerlijker kan verdelen.

De pijn zit in de details en is niet eerlijk verdeeld
Het klimaatakkoord is als je er zo naar kijkt best een stap vooruit. Maar de pijn zit in de details van bijvoorbeeld mensen die niet zo snel kunnen overschakelen en daardoor duurder uit zijn dan mensen (zoals ik) die al van het gas af zijn en in een goed geïsoleerd huis wonen. Gemakkelijk praten voor mij dus.

En als je de kilometers van een op de tien automobilisten (dat is 97,5 miljard kilometers) wil vervangen door openbaarvervoerkilometers (21,6 mrd km), dan groeit het aantal openbaarvervoer kilometers met 9,75 miljard. Dat betekent dat het openbaar vervoer met bijna 50% moet groeien om het autoverkeer met 10% te laten afnemen. Geen wonder dat het lastig is te veranderen. 

Op Europees niveau is het nog moeilijker. De energievoorziening in het ene land vraagt een veel grotere omschakeling dan het andere land. In heel Europa is een grote steun voor de overgang naar minder CO2, minder fossiele brandstoffen en een meer circulaire economie. Het gaat velen veel te langzaam. Maar om vaart te maken heb je aandacht nodig voor de tegenstanders en de mensen die last hebben van de overgang.

De verandering kost banen en levert banen op. Maar op microniveau zie je dat die nieuwe banen niet terecht komen bij de mensen die hun baan verliezen, zelfs niet per se in die regio.

In dictaturen kun je de minderheid die last heeft van verandering negeren. In de Westerse wereld niet. Dat lijkt lastig, maar is eigenlijk wel zo mooi.

Grijp de kans om het samen te doen!
Sterker: de hele verandering biedt enorme kansen de democratie een boost te geven. Samen praten over hoe je de warmte-voorziening in je wijk gaat regelen! Samen kijken hoe je de bereikbaarheid met de fiets en het OV verbetert! Nieuwe werkgelegenheid bij verduurzaming van de huizen: wie geef je de kans om aan de slag te gaan? Er zijn installateurs en andere vakmensen nodig. Om die te kunnen vervullen is extra en andersoortig aanbod van scholing en onderwijs nodig. Vind dat gezamenlijk uit!  De toekomst maak je samen, zeker als het een grote verandering vraagt.