maandag 10 februari 2020

De "gamificering" van de politiek


De invloed van telefoon, auto en zeker de boekdrukkunst was groot. De invloed van internet gecombineerd met de smartphone mogelijk groter. Waar de eerste aandacht uitging naar beschikbaarheid van informatie voor iedereen en democratisering, gaat nu meer aandacht naar framing, ophitsing en overdreven aandacht voor tweets. Is dat vooral meer directe communicatie of gaat het dieper?

Computerspelletjes als nieuwe dominante werkwijze
Baricco stelt in “The Game” dat in de nieuwe wereld elk product, mens of dienst het genetisch erfgoed van computerspellen in zijn DNA nodig heeft om te overleven: mooi uiterlijk en vormgeving, snelle probleem-oplossing , snelle bevrediging, steeds moeilijkere levels als erkenning, leren door te proberen en niet door te studeren, onmiddellijke beschikbaarheid en groeiende erkenning als “expert” door een puntentelling. Zoals vroeger alles als machine werd geinterpreteerd, wordt nu alles naar een spel geinterpreteerd. 

Dat is nogal wat. Ook omdat de mensen die hier niet in meegaan mopperend langs de kant komen te staan. Wie niet meedoet, ontvangt weinig begrip. Of is gewoon te laat in zijn reactie. “Slow politics is naief en een list van de elite”, zo is het frame. En hoezeer het een frame is, afwachten en nog eens rustig uitleggen is een vroeger vaker door bestuurders gekozen oplossing die niet meer kan. (ondanks dat even de kat uit de boom kijken soms best te overwegen is).

Burger als gamemaster
De houding als burger en politiek dier verandert hierdoor. Als internet en de telefoon het leven snel, makkelijk en overzichtelijk maakt, dan raken we daar aan gewend. Net zoals het leven als klant ons gewend maakt aan bedrijven die ons serieus nemen, nooit tegenspreken en niet op onze eigen verantwoordelijkheid aanspreken, zo verwachten we nu van onderwijs, reizen of eten dezelfde snelheid, overzichtelijkheid, gemak als van de smartphone? Dat gaat verder dan het worden van een klant van de politiek. Let me entertain you, wordt de nieuwe werkwijze.

We hebben de weg van The Game gekozen. Dit spel definieert nieuwe structuren, nieuwe regels en suggereert dat we eigen baas zijn. Terwijl zelf besluiten vraagt om verkennen van de problemen, zoeken naar tegenstemmen, letten op gevolgen en evalueren. Op een of andere manier moeten we dat toevoegen aan de nieuwe regels.

Leer van verkeerde besluiten
Als je één ding van de reclame en marketing leert is dat snel besluiten leidt tot verkeerde beslissingen, de koper mag niet te lang heroverwegen en gevolgen doorzien. Na het kopje koffie direct de keuken bestellen is een dure keuze, maar wel lekker snel en met aandacht voor jou. Meer rekenschap over de keuzen, leren van elkaars fouten, mensen niet alleen betrekken bij het besluit, maar ook bij de evaluatie: dat hoort wat mij betreft bij de nieuwe regels van het spel.


The Game Alessandro Baricco

maandag 3 februari 2020

Brexit een succes of mislukking?


De Brexit is een enorm experiment dat bij succes een inspiratie kan zijn voor andere landen. Zo wordt het in elk geval besproken. Maar worden ze in het Verenigd Koninkrijk het ooit eens over het succes of de mislukking, wanneer is het eigenlijk een succes?

De economische groei is een simpele graadmeter
Economen waarschuwen voor handelsbarrieres en berekenen wat dat betekent voor de economische groei. Zij voorspellen al dat de Brexit een mislukking wordt. De achteruitgang is al te zien, ook al is het niet de chaos die voorspeld was. Maar ging het wel over die economische groei? Het gaat bij de Brexit over de uitruil tussen soevereiniteit en globalisering. Wil je meer soevereiniteit en meer zelf beslissen? Dan gaat dat ten koste van je welvaart, of in elk geval je economische groei, je gemeten BNP.

De soevereiniteit is wat anders
Steeds vaker hebben mensen er moeite mee om in te schikken voor de wensen van anderen. De veranderingen gaan ook wel erg snel. Als door de Brexit minder buitenlanders het land in komen, krijgt de zorg een probleem en de maakindustrie (auto's bijvoorbeeld) exporteert moeilijker naar de EU. Is het dan een succes of niet? De een wijst op minder Roemenen en Polen in de buurt, de ander op de tekorten in de zorg en werkloosheid in de autoindustrie. De een claimt een succes, de ander ziet het als mislukking. Als het ging om het terugnemen van de controle over je eigen land is het een succes, want je hebt meer zeggenschap, maar ook je eigen zorgen.

Het Verenigd Koningkrijk is en blijft verdeeld
Ik denk dat we op veel punten bereid zijn soevereiniteit in de leveren. Zeker als je ziet dat China, Rusland en de VS als handelsblokken hun economische macht gebruiken, dan is een tegenmacht van de EU nodig. Dat is voor Nederland belangrijker dan voor het Verenigd Koninkrijk, maar ook het VK kan zich er niet aan onttrekken. Maar als de welvaart voor je gevoel ten koste gaat van je welzijn stopt dat. En dan blijkt het VK verdeeld. In Londen is de welvaart zo groot dat men erg voor de EU is, in de rest van Engeland ligt dat anders. Voor de Schotten ligt het weer anders. Die hebben het gevoel dat Engeland teveel bepaalt en zouden liever minder bemoeienis van Engeland hebben en daarvoor wat meer van de EU accepteren. 

Er is geen duidelijke winnaar als het VK uit de EU is en een handelsdeal heeft, er is winst en verlies en iedereen interpreteert die winst- en verliesrekening anders.



woensdag 22 januari 2020

Aandacht voor concentratieproblemen

In het buitenland zijn beleidsmakers jaloers op onze woningcorporaties. Hier hebben corporaties wat tegenwind van beleidsmakers. Denk aan de inperking van het werkgebied (niet meer voor middeninkomens), de verhuurdersheffing (de eerste paar maanden huur gaat naar de overheid) en de inperking van de mogelijkheden om geld te besteden aan de leefbaarheid. Het mag zo zijn dat voor de crisis de corporaties soms wat al te gemakkelijk investeerden, maar het sloeg door naar te streng beleid nu. Het gevolg van de inperking is zichtbaar in de armere wijken. De leefbaarheid van de buurten waar ministers, kamerleden en beleidsmakers zelf niet wonen gaat te hard achteruit. 

Eigen woningbezit is niet het beste middel tegen achteruitgang van buurten
Eigenlijk heeft het alles te maken met de gedachte dat het hebben van een eigen huis het beste werkt om mensen verantwoordelijkheid te laten nemen voor de eigen buurt. Dat deze gedachte niet juist is, is te zien in wijken waar woningcorporaties woningen hebben verkocht. Soms gaat dat prima en ik gun mensen graag hun eigen huis. Vaak lukt het mensen vervolgens niet om te sparen voor onderhoud. Juist in armere wijken staat het corporatiebezit er beter bij omdat het met een minimaal inkomen gewoon te lastig is om geld opzij te zetten voor je woning als je direct een nieuwe wasmachine nodig hebt.

Concentratie in de armste buurten
Door de nieuwe strengheid komen mensen met de laagste inkomens en de minste kansen bij elkaar te wonen. Er zijn immers ook goede initiatieven om mensen uit een instelling weer deel te laten nemen in de samenleving of om vluchtelingen die erkend zijn in staat te stellen een woning te vinden. Deze groepen kunnen nergens anders terecht dan bij de woningcorporaties. Het gevolg is dat buurten met veel corporatiebezit meer mensen kennen met een zwakkere gezondheid en minder zelfredzaamheid. Met de toename van kwetsbare groepen, neemt ook de overlast van buren (en buurtgenoten) toe in het corporatiebezit. Ook problemen met schulden, verslaving en agressief gedrag komen vaker voor. Heb je zelf meer kansen, dan zal je eerder de buurt willen ontvluchten. De “samenredzaamheid” van de buurt leidt er vanzelfsprekend onder.

Een rapport van RIGO gaat hier op in. “De leefbaarheid (op basis van de Leefbaarometer) heeft zich in de corporatiebuurten (buurten waar meer dan twee derde van de woningen in het bezit is van corporaties) lang gunstig ontwikkeld – zelfs gunstiger dan gemiddeld in Nederland. Sinds 2012 is hierin een kentering opgetreden en gaat de leefbaarheid er achteruit. De negatieve ontwikkelingen doen zich daarbij in sterkere mate voor in de buurten waar de leefbaarheid al minder goed is. In deze gebieden lijkt een negatieve spiraal te ontstaan en neemt de omvang en de complexiteit van de problemen verder toe”.

Dan maar koopwoningen in arme buurten?
Het idee om dit op te lossen door te verdunnen en in buurten met veel corporatiebezit te bouwen voor middeninkomens helpt niet veel. Ten eerste is er bij projectontwikkelaars meer animo te bouwen voor rijkeren in beter buurten, ten tweede duurt het dan erg lang voor verandering kan optreden, terwijl de leefbaarheid nu al achteruit gaat. Op tijd ingrijpen is geboden.

Samenwerken op lokaal niveau en ruimbaan van het rijk
Volgens het RIGO zijn in de eerste plaats gemeenten en zorgpartijen aan zet om te zorgen voor voldoende begeleiding en (bemoei)zorg.

Maar door bezuinigingen in het sociaal domein komen gemeenten er nu al niet goed uit. De woningcorporaties komen ook bij de mensen thuis en zien als er schulden zijn dat er soms meer aan de hand is dan wat laat betalen. Daarom kan alleen door een gezamenlijke inspanning van gemeenten, zorg- en welzijnsinstellingen en de corporaties. samenredzaamheid worden bevorderd en - laten we eerlijk zijn- gewoon ouderwets hulp georganiseerd worden. Het rijk woningcorporaties en ruimte te bieden voor lokale aanpak van de leefbaarheid. Wat mij betreft mag ook de verhuurdersheffing ter discussie gesteld worden.

- Rigo "Veerkracht in het corporatiebezit" hier te lezen.