zondag 21 december 2014

Vertrouwen we verzekeraars



In 1893 richtte Coöperatie De Volharding een eigen ziekenfonds op:  Azivo. Ze wilde een einde maken aan de slechte behandeling van haar leden. Collectief kon ze goed voor de arbeiders op komen. Maar niet alle artsen voldeden aan de standaard van het Azivo (Algemeen Ziekenfonds de Volharding). Een conflict met de artsenorganisatie over de hoge verdiensten leidde tot het in dienst nemen van eigen huisartsen. Allemaal omdat de arbeiders door de reguliere zorg niet goed geholpen werden. Zie daar de socialistische traditie: artsen in dienst van de verzekeraar!

Het is dan ook een beetje raar om nu het verzet te zien tegen beperking van de vrije artsenkeuze, zowel de voor- en tegenstanders. Voor de leden van de coöperatie was het vertrouwen in de verzekeraar veel groter dan het vertrouwen in de zorgverlener. Die keuze zou het meest bij de PvdA passen. Nu is het vertrouwen in de zorgverlener groter, vandaar de pleidooien voor vrije keuze voor de patiënt. Die keuze zou het meest bij de VVD passen.  

Wat is er mis gegaan? Want dit is precies omgekeerd aan de nu ingenomen posities. De VVD beperkt de vrije keuze van het individu, de PvdA-senatoren komen er voor op!
Azivo had ook een eigen apotheek
Ten eerste stond bij het Azivo solidariteit nog bovenaan. We betalen met zijn allen voor de zorg voor hen die zorg nodig hebben. We willen hen goede zorg bieden, maar de arbeiders hebben natuurlijk ook behoefte aan lage kosten voor het ziekenfonds. Die afweging van kosten en baten, zag men liever in handen van het “eigen” ziekenfonds.  De solidariteitsgedachte is volledig verdwenen. Het gaat gewoon om kostenbesparing.

Ten tweede zijn de zorgverleners mensen serieuzer gaan nemen. Ze willen natuurlijk ook geld verdienen, maar er is ook een grote beroepstrots om goede zorg te leveren. Daar hebben de verzekeraars lang niet altijd een boodschap aan. Die contracteren niet altijd in het belang van de verzekerden (patiënt en betaler), maar meer in het belang van de verzekeraar. Kan de verzekeraar wel echt goede zorg contracteren? Of speelt gemak, minder ingewikkelde contracten ook een rol?

Deze beide zaken komen minder in beeld in de discussie. 

Maar beide zaken zijn niet opgelost. Zijn de zorgverleners altijd betrouwbaar? Dat serieus nemen van de patient kan betekenen dat de bejegening (die de patiënt goed kan beoordelen)  meer aandacht krijgt dan de goede zorg. Het kan dan goed scoren bij patiënten: niet die zorg leveren in een fabriekachtige omgeving (met optimale hygiëne, veel ervaring en minder complicaties), maar wel een prettige geruststellende omgeving. In zekere zin heeft het kabinet dus een punt: laat verzekeraars contracten afsluiten en daarbij beoordelen hoe goed de zorg is. Kalshoven schreef ook al in de Volkskrant dat de overwinning van de PvdA een nederlaag was voor de zorg.

Daarom kiest het kabinet de lijn die het meest lijkt op de lijn die vanuit de arbeidersbeweging al werd ingezet door het Azivo?

En waarom kiezen de drie PvdA senatoren tegen die beperking van de keuze? Dat is omdat die verzekeraars van nu niet genoeg lijken op het Azivo (inmiddels onderdeel van Menzis) van toen. Wie heeft er echt vertrouwen in dat de verzekeraars letten op de goede kosten-batenverhouding? Letten ze niet teveel op het geld en te weinig op de patiënt? En is het nog wel van deze tijd dat de patiënt daarin geen enkele rol speelt? Duivesteijn heeft in zijn carriere steeds de eigen mogelijkheden van individuen willen vergroten. Hij vertrouwt die verzekeraars niet de vertegenwoordiging volledig toe.  Ik zou zeggen dat de verzekeraars dit zich moeten aantrekken. 

De winst van de discussie in de Tweede Kamer kan zijn dat dit volop aandacht gaat krijgen. Maar het kan ook dat er alleen aandacht is voor VVD, PvdA en politieke spelletjes. Dat zou jammer zijn.


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen