dinsdag 14 maart 2017

Is systeemverantwoordelijkheid bij de decentralisaties in het sociaal domein goed geregeld?


Systeemverantwoordelijkheid is een begrip waar beleidsmakers nogal eens mee bezig zijn. U en ik hebben er nog niet mee te maken gehad, maar het is best belangrijk. Bij de decentralisaties van het sociale domein (maatschappelijke ondersteuning, jeugd, participatie) die op rijksniveau zijn bedacht speelt dit een grote rol. Wie heeft de verantwoordelijkheid om te zorgen dat dit systeem goed en betrouwbaar blijft functioneren?

Wat is systeemverantwoordelijkheid?
Eerst even de vraag wat het eigenlijk is. Daar is al discussie over, maar laat ik een voorbeeld geven van ons geldsysteem. Dat is al moeilijk grijpbaar, maar het is inzichtelijk voor het begrip systeemverantwoordelijkheid. De minister van Financiën is verantwoordelijk voor het functioneren van het financiële bestel, voor het beleid en de wetgeving op het gebied van financiële markten. Maar omdat het nogal wat is om de minister alles te laten doen en zo de politiek invloed te geven op de inflatie is er de Nederlandse Bank. Deze “centrale bank” moet zorgen voor stabiele prijzen. Dat is een systeemverantwoordelijkheid, want het is niet zo dat de centrale bank de prijzen in de winkels vaststelt. Elke ondernemer kan zelf zijn prijzen vaststellen en elke consument kan kijken of hij die prijs wil betalen.

De systeemverantwoordelijkheid houdt eigenlijk in dat de DNB in de gaten houdt wat er met de prijzen gebeurt en op basis daarvan besluit om de rente te verhogen of te verlagen en meer of minder krediet te verlenen. Is de rente hoog, dan lenen de consumenten niet gemakkelijk geld om meer te kopen. Huizenprijzen moeten dan dalen, maar dat willen de verkopers niet, waardoor minder mensen verhuizen en minder mensen zaken kopen voor de inrichting van hun huis. De prijzen dalen dan. De inflatie neemt af. Als de rente laag is en het gemakkelijk is om krediet te krijgen gaan de prijzen omhoog.

Individuele verantwoordelijkheid, vertrouwen en macht
Toch is de verantwoordelijkheid van de ondernemers voor hun eigen prijzen niet verplaatst naar de centrale bank. De centrale bank legt geen verantwoording af voor prijzen. De centrale bank probeert ervoor te zorgen dat de mensen onderling kunnen doen wat ze willen en dat het systeem niet uit de hand loopt.

Vanuit de consument gezien lijkt de systeem iets anders. De consument heeft nooit te maken met de centrale bank. De consument koopt van alles, doet rechtstreeks zaken met verkopers en vertrouwt er op dat zijn geld de waarde behoudt en dat de bank die zijn geld bewaart niet failliet gaat. Er zijn regels om de verkoper aan zijn woord te houden en de vrije keuze voor met welke koper je zaken doet haalt de minder goede verkopers uit het systeem. Er kan vertrouwen zijn en er zijn diverse prikkels om te zorgen dat het verkeer tussen consument en producent niet uit de hand loopt. De consument heeft macht als het gaat om zijn eigen aankopen. Informatie over prijzen kan hij vergelijken en de Consumentenbond kan informatie geven over prijs/kwaliteitverhouding en zo de consumenten sterker maken bij hun keuze. Het heet dan: de Checks en Balances zijn goed geregeld!

Juist omdat de checks and balances goed geregeld zijn, kan de Nederlandse Bank zo op afstand blijven. 

Systeemverantwoordelijkheid bij zorg
Vergelijk dat nu met de systeemverantwoordelijkheid voor de decentralisaties. De minister heeft verordonneerd dat de gemeente uitvoering geven aan de zorgen rond werk en inkomen, maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp. Voor gemeenten is vastgelegd dat ze een bepaalde verantwoordelijkheid hebben, de hoeveelheid geld is landelijk bepaald en de manier van uitvoering is aan de gemeente. De gemeente wordt gecontroleerd door de gemeenteraad. Van bovenaf gezien als bestuurder lijkt het netjes op orde. De hoeveelheid geld loopt niet uit de hand, de uitvoering wordt gecontroleerd. Het is duidelijk waar je het kabinet en waar je de gemeente op moet aanspreken. Als blijkt dat in het hele land de zorg knelt, wordt dat landelijk duidelijk en kan de minister besluiten dat er meer geld bij moet. Dat kan de Kamer dan in de begroting regelen.

Vanuit de burger bezien ziet dat er wel heel anders uit. De burger kan niet kiezen welke zorg hij krijgt. Hij heeft geen recht op zorg, want de maatschappij betaalt ervoor. Hij is geen consument (naar mijn idee terecht, want de samenleving betaalt voor de zorg). Hij kan wel op gemeentelijk en landelijk niveau anders stemmen en is dus niet hulpeloos.

Vertrouwensgat
Maar het vertrouwen in het systeem ziet er minder goed uit. Want de checks and balances zijn zwak. De gemeente kijkt wat de burger zelf kan doen en wat daar aanvullend bovenop komt. Die beslissing is maatwerk. Terwijl de centrale bank er op kan rekenen dat tussen verkoper en koper voldoende tegenstrevende krachten zijn, kan de minister dat hier niet. De gemeenteraad dan? Nee, die heeft hoogstens het kader vastgelegd. Het gaat hier ook niet om een terrein waarvoor de burger zich tot een andere verzekeraar kan wenden.

Zou dit systeem werken in Zuid-Italië of Griekenland? Ik vrees van niet. Het systeem is erg afhankelijk van het geloof in betrouwbare ambtenaren. Maar het is nog minder goed controleerbaar dan de aanbestedingen voor vuilnisophaal in maffiagebied.
  • Je kunt de zorg die jij krijgt niet vergelijken met de zorg die anderen krijgen. Het is immers maatwerk.
  • Het wordt besproken aan de keukentafel en alleen de ambtenaar die het gesprek voert weet hoe de gesprekken aan andere keukentafels gaan.
  • De rechtszaken die nu gevoerd zijn, gingen uiteindelijk meer over de vraag of het politiek vastgestelde kader wel deugde. Dat is belangrijk – en een geruststelling – maar niet afdoende.

De Tweede Mening als aanvulling op good governance
Om het vertrouwen in het systeem van de decentralisaties te verzekeren is daarom nodig dat de burger een mogelijkheid krijgt om zijn individuele situatie te laten checken, door de samenleving in dit geval. Het getuigt van goed bestuur als je bereid bent je te laten controleren door de burgers. Ambtenaren kunnen dan uitstralen dat zij bereid zijn hun werk te laten controleren.

De afweging wat mensen zelf kunnen doen blijft niet bij de juridische kant van de rechter steken (je kunt altijd in beroep gaan), maar komt terug in de samenleving. De samenleving (een representatieve groep uit de samenleving) weegt af of de gemeente terecht eerst meer eigen verantwoordelijkheid vraagt of niet. Kan de gemeente de representatie van de samenleving niet overtuigen omdat de zorgvrager overtuigender argumenten heeft? Dan moet de gemeente de beslissing heroverwegen. Zo wordt het individu én de samenleving sterker en de beleidsmatige en bestuurlijke kant wat beter gecontroleerd. Enkele pioneergemeenten kijken op dit moment of zij een pilot willen financieren. 

Het is jammer dat het ontwikkelen van deze aanvulling op het systeem niet gefinancierd wordt door de rijksoverheid of door de VNG. Eigenlijk kan op dit moment de minister of staatssecretaris geen vertrouwen in het systeem geven. De systeemverantwoordelijkheid is niet goed geregeld omdat de checks en balances niet goed zijn geregeld.

Meer weten? Hier  

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen