maandag 28 april 2014

Ben ik eigenlijk wel liberaal genoeg?

Bij de laatste peiling van Ipsos kwamen VVD en D66 op 54 zetels, de vorige verkiezingen heeft de VVD veel gewonnen, nu gaat het duidelijk minder. D66 heeft nu de wind mee. Door de jaren heen zie je echter dat als D66 heeft gewonnen, de kiezers de stemming daarna schrikken en naar de VVD overstappen. (grafiek)

Bijna iedereen stemt liberaal. De VVD en D66 zijn groot. Af en toe zakt de VVD wat weg, maar daarna krijgt de VVD een duwtje na de winst van D66 (rode puntjes in grafiek). En heet de PVV niet voor de vrijheid te zijn ?
PvdA en CDA zakken in. En ik moet bekennen dat ik grote sympathie heb voor D66 en liberalen als Winsemius.

Liberale samenleving
In de liberale aanpak heeft de burger vooral rechten en slechts de plicht om zich te houden aan het ‘sociale contract’ dat hij of zij verondersteld wordt te hebben afgesloten met andere burgers. Burgers dienen in hun vrijheid anderen niet te beperken. De burger moet politiek desgewenst kunnen opkomen voor zijn of haar belangen en idealen, maar hoeft niet te participeren vanuit het idee van een gemeenschappelijk belang. Vrijheid om wat te ondernemen!

Ondertussen zien we in de coalitie-akkoorden voor gemeenteraden een minder liberale trend. In de gemeenten komen de lokalen op. Die dreiging van de lokalen zorgt ervoor dat gemeentelijke akkoorden spreken van samenwerking en verbinding met burgers. Daarbij lijkt de burger meer aangesproken te worden op de plicht participeren.

Solidariteit? Welbegrepen eigenbelang? Nee hoor, als je goed leest zie je eerder dat de gemeente burgers in staat stelt eigen initiatieven te nemen. De lokale partijen komen niet op vanuit de gedachte dat burgers moeten participeren vanuit een gemeenschappelijk belang, maar dat de gemeente ruimte moet geven voor (hun) initiatieven.

Werkt dat liberale wel?
Of dat liberale gedachtegoed ook echt werkt om te komen tot de maatschappij die de meeste mensen willen is de vraag. "Met ons gaat het goed, maar met de samenleving niet", zo knaagt het gevoel. Wordt dat gevoel met de akkoorden recht gedaan? 

Dat gevoel knaagt ook bij mij. Ben ik eigenlijk wel liberaal genoeg? (vrij naar Jan Blokker).

Tja.
Ik ben economisch vrij liberaal: vrijhandel werkt en de onzichtbare hand doet het beter dan de socialistische planeconomie. Maar ik geloof ook in marktfalen. Ik ben voor toezicht en wil voorkomen dat de rekening gelegd wordt bij die partijen die niet sterk genoeg zijn. Kortom, ik ben blij dat de overheid er is. Noem me naïef. Ik denk dat rechten voor vakbonden, minimumlonen, de 40-urige werkweek, en zeker de leerplicht heel veel goed hebben gedaan.

Opbouwwerk
Maatschappelijk ben ik ook niet helemaal liberaal genoeg. Noem me maatschappelijk naïef: ik geloof dat in de huidige tijd opbouwwerk nodig is. Opbouwwerk omdat in bepaalde wijken mensen minder kansen hebben om eigen initiatieven te nemen. Initiatieven neem je niet in je eentje, maar met de gemeenschap. In die gemeenschap moet een bepaalde kern zitten die iets voor elkaar kan krijgen en in sommige gemeenschappen is weinig kracht.

Het schopt een beetje tegen de huidige blijheid om mijn twijfels weg te duwen met diverse prachtige initiatieven (ja, maar kijk nu eens in Elsendorp, Hein, daar kunnen ze het toch zelf?). Noem het ouderwets wantrouwen tegen maatschappelijke vernieuwing. Noem me conservatief. Zodra één visie gaat overheersen krijgen blinde vlekken veel kans.
 
Ja, er zit in sommige gemeenschap veel kracht - minder dan vroeger -, maar je kan sommige gemeenschappen wel een potje laten breken. Daar moet de overheid zeker ruimte voor geven. Ik heb dat ook vaak bepleit!

Dat model van ruimte maken is echter niet te exporteren naar alle gebieden. In alle initiatieven die ik zag was er iets bijzonders. Nee, het was niet zo dat het ging om ondernemers!

De mensen waren gericht op samenwerking, de mensen waren geneigd diversiteit te omarmen. De initiatiefnemers waren niet liberaal, eerder communitaristisch.

En zo blijf ik met mijn twijfel zitten. Ben ik wel liberaal genoeg? De bezielde doe-democratiegelovers, de ruimtemakers, de "minder regels", de politici die zich omringen met sociaal ondernemers, de liberalen, de participatiesamenlevingbezuinigers. Dat soort. U zult van mij geen kwaad woord over ze horen, maar ze moeten in de gaten worden gehouden, al was het maar om hun eigen bestwil!



Jan Blokker over wantrouwen: De bezielde maatschappijvernieuwers, de in burgerpak gestoken pastoors (...) de schrijvers van revolutionaire boeken en de componisten van de revolutionaire muziek. Dat soort. U zult van mij geen kwaad woord over ze horen, maar ik vind wel dat we ze scherp in de gaten moeten houden, al was het maar voor hun eigen bestwil. Uit: ben ik eigenlijk wel links genoeg?


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen