vrijdag 25 april 2014

Op naar de verenigingsdemocratie

Afscheid van de representatieve democratie en welkom aan de verenigingsdemocratie. Zo zou je de collegeakkoorden kunnen duiden. Maar wordt die stap echt gemaakt? En beseffen de politici wat er voor gevaren zijn? Kijken ze ook naar uitsluiting en afnemende bereidheid om voor langere tijd verantwoordelijkheid te nemen? 

Motto: luisteren, samen en vertrouwen.
De eerste blik op de motto's die collegeakkoorden meekrijgen zou verwachtingen moeten scheppen. Venlo doet het met “Verbinden vanuit vertrouwen en verantwoordelijkheid”, Maastricht met “Investeren in vertrouwen”. Giessenlanden vitaal: samenwerken tot in de kern! Neerijnen ‘Bouwen aan vertrouwen’

In Oude IJsselstreek is een procesakkoord gesloten om duidelijk te maken hoe de gemeenteraad om wil gaan met de burgers. Het collegeakkoord bevat als tekst “Dat doen we in productieve samenwerkingsverbanden met inwoners en netwerkpartners. Wij zullen daarbij de verbindingskracht van gemeenteraadsleden en de ondersteuningskracht van onze ambtenaren benutten".

Utrecht zegt: “Samen maken we de stad” en kunnen we oplossingen zoeken voor de uitdagingen waar we als stad voor staan. Wageningen heeft het over “initiatief voor de stad”. Voordat het coalitieakkoord wordt afgerond wilden de onderhandelaars horen wat er voor ideeën leven in de Wageningse samenleving.

Veel zelf laten doen, op tijd laten meedenken
Wat dat betekent? Veel zaken worden teruggelegd bij burgers, bedrijven en het maatschappelijk middenveld, verder worden burgers geraadpleegd over van alles en nog wat. Was dat eigenlijk dan niet zo?

Op het moment dat in al die gemeenten opgeschreven wordt wat eigenlijk heel gewoon hoort te zijn is er iets aan de hand. De gemeente is niet meer van ons!

De gemeente als onze vereniging
Zou de gemeente nog echt “onze vereniging” zijn, dan was het vanzelfsprekend dat de ledenvergadering beslist over belangrijke zaken, dat het bestuur luistert naar de leden, dat er vertrouwen is. Verder zouden er veel mensen niet op de ledenvergadering komen: zij zijn minder geïnteresseerd in die gemeenschappelijke vergaderingen, ze komen pas als hun eigen belang echt geschaad wordt. Tenslotte zijn er ook veel mensen die niet meevergaderen, maar die wel desgewenst bereid zijn hun handen uit de mouwen te steken voor het collectief of voor andere individuen.

Naar die echte vereniging lijken de akkoorden terug te verlangen. Weg van de representatieve democratie en meer richting de verenigingsdemocratie. Daarin is het luisteren en verbinden van leden met elkaar heel gewoon. En als dat zo is, missen we wat in die akkoorden?

  1. Werkgroepen van leden die plannen uitwerken en aan de ledenvergadering kunnen voorleggen. Mensen die een speciale kennis en passie hebben zet je samen om besluiten voor te bereiden voor de vergadering. Burgers die zelf hun herprofilering of centrumplan maken.
  2. Niet het bestuur beslist over de contributie, maar de leden. Het bestuur realiseert zich donders goed dat elke verhoging pijnlijk kan zijn en dat er iets tegenover moet staan. Burgers die meer betrokken zijn bij de begroting.
  3. Het bestuur kent de leden: hun speciale kennis en hun eigenaardigheden en spreekt mensen gericht aan als hun expertise nodig is. Op tijd profiteren van de kennis die je in huis hebt
  4. Er is een doordachte manier om vrijwilligers te behouden en te belonen voor hun werk. Aandacht en bedankjes zijn heel normaal.
Verenigingen en afdelingen
Verder zijn verenigingen kleiner dan gemeenten. Wellicht zal je de gemeenten dus moeten opsplitsen in afdelingen. 

De afdelingen hebben een mate van zelfstandigheid en het bestuur kan ingrijpen als in de afdelingen ondemocratisch gewerkt wordt en een bepaalde groep leden de boel domineert. Probleem is wel dat mensen zich vrijwillig organiseren in verenigingen. Bij een gemeente hoort iedereen er bij. Die taak om op te letten dat mensen niet buiten gesloten worden en dat hun rechten geschonden worden is bij gemeenten dus nog belangrijker dan bij verenigingen. Dat zou dus ook bij de akkoorden een rol moeten gaan spelen.

Bouwen de gemeenten aan vertrouwen en kennen ze de schduwkant?
Lees nu de akkoorden eens door en kijk of de gemeenten echt de stap maken naar de verenigingsdemocratie. Misschien ook even bedenken dat veel verenigingen in Nederland geen moeite hebben vrijwilligers te vinden voor eenmalige inspanning of initiatief, maar wel om mensen te vinden die zich langdurig willen inzetten en een verantwoordelijkheid nemen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen