woensdag 11 maart 2015

Op zoek naar nieuwe tegenkracht

Politici hebben meer dan anderen behoefte aan bevestiging. Degene die het ontstellend leuk vindt veel stemmen te krijgen heeft een voordeel boven degene die daar minder op gericht is, er is dus een natuurlijke selectie. Dat is niet per se slecht: het kan een heel goed mechanisme zijn om te zoeken naar wat mensen beweegt en waar mensen boos over zijn. Pim Fortuyn is een mooi voorbeeld. Een politicus die stemmen weet te verwerven door een fijn gevoel voor waar mensen boos over zijn is een sieraad voor de politiek. Maar er ontstaat dan direct een gevaar. Het zijn mensen op zoek naar applaus en zij lijden vaker dan anderen aan een zelfbevestigend vooroordeel. Zij moeten meer tegenkracht krijgen!

Zelfbevestigend vooroordeel
Komen deze politici aan de macht, dan ontstaat er een probleempje. Deze mensen zijn meer dan anderen gevoelig voor self serving bias, het zelfbevestigende vooroordeel. Het zelfbevestigende vooroordeel zegt dat deze mensen succes aan zichzelf te danken hebben en mislukking aan anderen te wijten zijn. Dat mechanisme zorgt voor meer “applaus”. De leraar die een falende leerling meemaakt wijt dat aan de gebrekkige inspanning van de leerling, terwijl de succesvolle leerling een voorbeeld is van zijn kwaliteiten als leraar. Politici die hier last van hebben omringen zich ook graag met mensen die hen daarin gelijk geven. Dat is tevens een van de grootste valkuilen voor alle mensen met macht: het wegorganiseren van tegenkracht. Van Rey en Hooijmaijers zijn voorbeelden van politici die veel last hebben van zo'n zelfbevestigend vooroordeel.

Lokale rekenkamers en lokale pers
In de gemeenteraad zitten gelukkig niet alleen mensen die behoefte hebben aan bevestiging, bovendien kunnen ze meestal tegenkracht niet zomaar wegorganiseren. Niet zomaar, maar het gebeurt wel, helaas.Er zijn natuurlijk waakhonden zoals de pers en de lokale rekenkamers. Juist die zijn minder sterk geworden. En dat terwijl de begrotingen van de gemeenten met gezamenlijk miljarden zijn toegenomen vanwege de nieuwe taken van de gemeenten.

Ruim zestig procent van de gemeenten heeft de afgelopen jaren bezuinigd op het budget van de gemeentelijk rekenkamer. Burgers in een plaats met minder dan 50.000 inwoners (bijna 8 miljoen Nederlanders), krijgen aanzienlijk minder lokaal nieuws onder ogen dan inwoners van plaatsen met meer dan 50.000 inwoners, zo blijkt uit een onderzoek van het Stimuleringsfonds voor de pers. En gemeenten groter dan 50.000 inwoners staan ook al niet zo stevig onder de schijnwerpers van de pers. Ik las dat Delft het dieptepunt was: "waar wel bijna 100.000 mensen wonen, maar waar op het internet nauwelijks nieuws te vinden is over de lokale politiek". Journalisten zijn nu eenmaal mensen en arbeidskracht kost geld. Onder druk van bezuinigingen zijn regionale media en de lokale rekenkamers niet meer in staat het lokale bestuur te controleren en tegen te spreken. Bezuinigingen die zorgen dat verspilling en verkeerde prioriteiten geld gaan kosten.

Roep de politiek tot orde
De Wet van het zelfbevestigende vooroordeel zegt nu dat juist succesvolle politici die veel aanhang hebben meer de neiging hebben om in de fout te gaan. Niemand die hen nog op tijd tot orde roept.Wat vinden we hier op? Organiseren we meer burgerjournalistiek? Subsidiëren we de lokale pers? Geven we rekenkamers een vast budget, waar het bestuur niet aan kan tornen? Maken we ambulante rekenkamers die steekproefgewijs de gemeente doorlichten? Duidelijk is dat we op stemmen alleen niet kunnen rekenen. Niet alleen is die vier jaar wat lang, we moeten ook meer weten over wat de mensen doen. 

P.S. Een ding hebben we gelukkig: de provincie kijkt naar de financiële positie (risico's en het aangaan van schulden). Maar weten jullie of die provincies dat goed doen? Hm, tja, maar niet vergeten te stemmen hoor op 18 maart!



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen