vrijdag 13 december 2013

Beroepsdeformatie van de politiek en de burgerbegroting


We krijgen allemaal een beperkt beeld van de werkelijkheid te zien. Neem de onderwijzeres op onze school: gemiddeld gesproken ziet ze vaker ouders die zeuren over hun kind en wat er verkeerd gaat. Prostituees zien allemaal op sex zonder gevoel beluste mannen. Ambtenaren zien allemaal klagende burgers (en vergeten nogal eens dat ze zelf ook burger zijn). Of neem de politieman. Dat is nog vervelender: stel hij ziet alleen “foute” Marokkanen en heeft geen Marokkaanse collega. Die krijgt een verknipt beeld van Marokkanen. Die beroepsbias (vooroordeel dat je krijgt door je beroep) leidt nogal eens tot een misvormd beeld van de werkelijkheid. Vooral in de politiek is dat lastig.

Zo zit het immers ook in de politiek en het ambtelijk apparaat. Burgers komen naar de overheid toe als ze boos zijn over een bezuiniging op iets dat ze zelf erg waarderen of hard nodig hebben. Conclusie: als burgers zelf zouden beslissen zou het een puinhoop worden. Men ziet immers niet de burgers die de bezuiniging wel begrijpen, logisch vinden of die minder belasting willen betalen.

Beroepsdeformatie voedt onvrede
Vooral die beroepsbias, zeg gerust beroepsdeformatie, van bestuurlijk Nederland is lastig. Want de onvrede over de politiek is groot en burgers hebben het gevoel dat hun mening er niet toe doet. Ondertussen worden de politici omringd door partijleden die uiteindelijk ook politicus willen worden en die het dan ook vaak gevaarlijk vinden om de burgers ruimte te geven over de begroting te beslissen. De beroepsbias wordt versterkt door de gedachte dat men de eigen baan kwijtraakt als burgers meer kunnen beslissen.

Maar de krachten blijven werken
Ondertussen wordt er in vele plaatsen in de wereld geëxperimenteerd met manieren om burgers zelf over hun geld te laten beslissen. Een logische weg naar meer eigen zeggenschap via  Participatory_budgeting De uitkomst van de experimenten is dat 
- de dienstverlening beter wordt, 
- het beleid meer draagvlak heeft en 
- er meer (andere) mensen betrokken worden bij het begrotingsproces. 
- De uitkomst is ook dat 80% van de begroting nog steeds vastligt (wettelijke taken, lange termijn-investeringen, onderhoudslasten). 

Mooier (en geruststellend voor bestuurders) is dat de keuzen helemaal niet zoveel anders worden dan ze waren. De bestuurders waren blijkbaar niet helemaal gek. Het gaat meer om kleine veranderingen. Een mooie anekdote hierover hoorde ik van Joop Hofman. Vooraf was men bang dat burgers domme keuzen zouden maken. Hij vertelde dat een experiment uitwees dat burgers globaal dezelfde keuzen maakten als het ambtelijk-politiek complex had gemaakt. (Misschien was dat wel heel dom, maar daar hebben we het niet over). Toen besloot de politiek er niet mee door te gaan: de keuze was toch hetzelfde? Was de keuze heel anders geweest dan was er uiteraard ook niet mee door gegaan: het was toch heel anders dan de legitieme vertegenwoordigers vonden? 

Nee de burgerbegroting is niet zaligmakend. Nog steeds is er politiek cliëntelisme en nog steeds zijn er vastgoedpartijen die beter voor zichzelf zorgen dan anderen. Maar dat je er als participatiesamenleving mee op weg moet gaan staat als een paal boven water.

Gemiste kans
Zo zorgt de beroepsbias van politici en ambtenaren dat burgers weinig te zeggen krijgen over hun eigen belastinggeld. Ondanks groter draagvlak, kleine slimme bijstellingen, meer transparantie. Hoezo participatiesamenleving?


Eerder schreef ik over de burgerbegroting hier

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen